Pensioenfondsen

pensioenfondsen

Het aantal pensioenfondsen is de afgelopen jaren gedaald naar 268. Twintig jaar geleden waren dat er nog bijna vier keer zoveel. Steeds minder bedrijven hebben tegenwoordig een eigen pensioenfonds. Bij de pensioenfondsen zijn 4,1 miljoen werkenden en 2,4 miljoen gepensioneerden aangesloten. Bij het pensioenfonds voor de bouw, Zorgfonds PFZW en metaalfondsen PME en PMT was een verlaging van de pensioenuitkering in 2017 niet nodig, maar een indexering zat er ook niet in. Pensioenfonds Bouw heeft circa 55 miljard euro in kas en is daarmee het vierde grootste fonds. De meeste andere pensioenfondsen hebben een dekkingstekort. De gemiddelde beleidsdekkingsgraad van de fondsen is na het kiezen voor een Brexit met 3 procent gedaald. Ruim anderhalf miljoen werknemers krijgen dit jaar te maken met een premieverhoging. (30 procent van de premiebetalers). De gemiddelde dekkingsgraad is in oktober gestegen naar 109 procent. De beleidsdekkingsgraad, het gemiddelde van de dekkingsgraden van de afgelopen twaalf maanden, steeg naar 105 procent. De meeste pensioenfondsen moeten minimaal een dekkingsgraad van rond de 104,2 procent hebben.

De waarde van de fondsen die niet op een Brexit hadden gerekend daalde zo’n 30 miljard euro. Het afgelopen half jaar raakten de fondsen 140 miljard euro aan vermogen kwijt en deze daalden van 1.400 miljard euro tot circa 1.280 miljard euro. Er is nu inmiddels weer een gezamenlijk vermogen van € 1.301.785.000.000. Vier van de vijf grootste fondsen zakten met hun ufr dekkingsgraad ver onder de 100 procent. Eind derde kwartaal 2016 bezaten de pensioenfondsen beleggingen ter waarde van ruim € 1,281 biljoen. ABP bezit ruim 380 miljard euro, Zorg & Welzijn ongeveer 190 miljard, PMT 70 miljard en PME circa 50 miljard euro.

Sinds 1 januari 2015 mogen de fondsen er twee keer zo lang over doen om weer financieel gezond te worden. Pensioenfondsen moeten hun beloningsbeleid (salarissen en andere vergoedingen) en ook eventuele sancties, en misstanden wel openbaar maken door melding aan de toezichthouder. Er zijn problemen bij de pensioenfondsen Vervoer, Dierenartsen, Agrarische Groothandel, Hoogovens, Schilders, Schoonmaak, Kappers, ABP en Zorg & Welzijn. Pensioenfonds Verloskundigen heeft een actuele dekkingsgraad van nog maar 81% is en wordt hierdoor gedwongen om de pensioenen in 2017 flink te korten. Ook het fonds voor de tandtechnici zit diep in het rood met een beleidsdekkingsgraad van nog maar 84,9%. DNB toetste in 2014 91 bestuurders, waarvan er 22 ongeschikt bleken en niet door de screening kwamen. De pensioenfondsen van de ABN en ING doen het wel goed met respectievelijk 120 en 130% dekking. Onder de 105% zitten fondsen in onderdekking. Twee derde van de pensioenfondsen waren in 2015 al in onderdekking. Wanneer ze in 2020, niet op het mimumdekkingsgraad van ongeveer 104,2% zitten, dan moet er onvoorwaardelijk worden gekort. Bij 56 van de pensioenfondsen dreigen er op termijn kortingen. Zo had ambtenarenpensioenfonds ABP, het grootste Nederlandse pensioenfonds, eind mei een beleidsdekkingsgraad van 95,4%. En de nummer twee, PFZW, van 93,4%. Dat het beter kan bewijzen het pensioenfonds Huisartsen met een dekkingsgraad van 132% en het pensioenfonds HAL met een beleidsdekkingsgraad van 184%. HAL Pensioenfonds is veruit het meest gezonde pensioenfonds van Nederland

UFR

Zo’n 160 pensioenfondsen moesten van De Nederlandsche Bank een herstelplan opstellen en willen tien jaar lang elk jaar 0,3 procent korten. Om aan de UFR regels te ontkomen zijn er verschillende fondsen die naar België willen verhuizen. De Europese pensioentoezichthouder Eiopa is tegen de Nederlandse berekening van de ufr als potentiële standaard voor heel Europa. Volgens Eiopa is de Nederlandse methode ’mogelijk onvoldoende stabiel’. Zelf geven ze de voorkeur aan een rekenmethode gebaseerd op historische gegevens, in plaats van op actuele marktinformatie.

Pensioentegoeden onder EU-toezicht

Woensdag 29 juni 2016 stemde een Kamermeerderheid van VVD-PvdA-D66 en GL in met nieuwe EU-pensioenregels waardoor alle Nederlandse pensioentegoeden onder EU-toezicht komen te vallen. Voor de Duitse pensioenen is een uitzondering gemaakt. Door een akkoord tussen de EU-lidstaten, het Europees Parlement (EP) en de Europese Commissie in Brussel kan De Nederlandsche Bank (DNB) onder voorwaarden nog wel ingrijpen als een Nederlands pensioenfonds naar het buitenland wil vertrekken. DNB controleert of de rechten van deelnemers aan een fonds niet worden aangetast en ook de financiële positie van een fonds moet op orde zijn.

De fondsen willen stoppen met het toezeggen van de hoogte van de uitkeringen, omdat dit door de vergrijzing en de lage rentes onmogelijk is geworden. De koepelorganisatie wil een systeem waarbij iedereen spaart voor het pensioen, maar wel verplicht alle risico’s samen deelt. Hierbij wordt een standaard opbouw jaarlijks op basis van de dekkingsgraad naar boven of beneden bijgesteld. De Pensioenfederatie denkt dat het mogelijk is om het idee in het voorjaar van 2017 verder uit te werken tot een stelsel waar breed draagvlak voor zal zijn.  De federatie, belangenbehartiger van 220 pensioenfondsen, overhandigde een analyse aan de Sociaal Economische Raad, die onderzoek deed naar hoe het pensioenstelsel het beste hervormd zou kunnen worden. Econoom Willem Heeringa stelde dat de AOW-leeftijd geleidelijk tot minstens 69 jaar in 2040 zou moeten worden verhoogd. Dat blijkt uit zijn onderzoek waarop hij op 24 november promoveert aan Tilburg University.

Nieuwe kleine pensioenen worden niet per 1 januari 2018, maar pas per 1 januari 2019 automatisch overgedragen aan de nieuwe pensioenuitvoerder. De Wet waardeoverdracht klein pensioen treedt niet in werking per 1 januari 2018. De nieuwe datum zal waarschijnlijk 1 april 2018 of 1 juli 2018 zijn. De ingangsdatum van de automatische waardeoverdracht van kleine pensioenen is wél al bekend: 1 januari 2019. Vanaf die datum dragen pensioenuitvoerders kleine pensioenen automatisch over aan de nieuwe pensioenuitvoerder als de werknemer een nieuwe baan aanneemt.

Toekomstige generaties moeten volgens de OESO rekening houden met een serieus risico op armoede na hun pensionering. Bij onderbroken carrières vanwege werkloosheid of andere onderbrekingen moet er op de hoogte van het pensioen behoorlijk worden ingeleverd. Bij een onderbreking van 3 jaar moet er maar liefst bijna vijf procent ingeleverd worden en bij een hoger inkomen nog meer. Bij twee keer modaal vijf jaar werkloos zijn of anderszins onderbreken moet tien procent ingeleverd worden. De ongelijkheid zal nog meer toenemen wanneer de individualisering van het pensioenstelsel wordt doorgevoerd. Hiermee presteert ons pensioenstelsel zelfs onder het gemiddelde.

Om met de toenemende vergrijzing en de verslechterde positie van pensioenfondsen door de economische crisis toch de hogere pensioenlasten te kunnen blijven betalen, werd de pensioengerechtigde leeftijd verhoogd. Wie na 1954 geboren is, moet nog eens drie maanden langer aan het werk. Vanaf 2022 wordt de AOW-leeftijd namelijk 67 jaar en drie maanden, een verhoging van drie maanden. Er is wel een overbruggingsregeling in de vorm van een minimum uitkering voor mensen die door de verhoging van de AOW-leeftijd later met pensioen gaan, maar zich daar niet op hebben kunnen voorbereiden. 

De tien grotere fondsen verlaagden in 2016 de premie met gemiddeld zo’n 5 procent. De 40 kleinere pensioenfondsen, verhoogden de premie tot wel 11 procent. Daarnaast moeten reeds gepensioneerden dit jaar al rekening houden met kortingen. In 2014 moesten ook al 68 pensioenfondsen de pensioenen korten en 5,6 miljoen ouderen zagen hun inkomen tot 7% achteruit gaan. Aanvankelijk was het de bedoeling dat de AOW-leeftijd pas in 2023 naar 67 omhoog zou gaan, maar de Eerste Kamer heeft 2 juni met een versnelling van het AOW-plan ingestemd.

Het ABP zit voor ruim 300 miljard van haar totale kapitaal in Nederlandse investeringen en heeft zelfs al voor 5% van haar geld aan Nederlandse hypotheken direct op de balans staan. Pensioenfondsen Metaal en Techniek (PMT), Pensioenfonds Hoogovens (SPH) en Pensioenfonds voor de Grafische Bedrijven (PGB) investeren al vanaf 19 september twee miljard euro in hypotheken. De drie fondsen hebben hiertoe het bedrijf Munt Hypotheken opgericht.

Fusies en overnames

Het aantal pensioenfondsen daalt al jarenlang achtereen. In 2005 waren er nog 800 fondsen, inmiddels zijn dat er zo’n 360. De pensioenen van fondsen die liquideren gaan de laatste tijd steeds vaker over naar andere pensioenfondsen. Door de de hogere eisen redden veel kleine pensioenfondsen het niet langer. Vooral het Pensioenfonds Grafische Bedrijven is het laatste jaar een gewild eindstation. De grote pensioenfondsen halen 50 miljard euro aan beleggingen weg bij vervuilende en achterlopende bedrijven en herinvesteren dit in duurzame bedrijven. Door de negatieve rente moeten ook pensioenfondsen betalen voor het stallen van geld. Pensioengeld en spaartegoeden worden op die manier uiteindelijk aangewend om de geldverruiming (QE) te financieren. Omdat Italië en Griekenland (binnenkort) ook “recht” hebben op een negatieve rente op schulden en deze daar aanzienlijk zijn is het niet te voorkomen dat de negatieve rente voor die landen dus uiteindelijk met Nederlands pensioengeld worden betaald. Ook gaan pensioenfondsen vanwege de negatieve rente op zoek naar rendement en nemen daardoor risicovolle excessieve posities in. De fondsen die nu nog verder in de problemen zitten dan een jaar geleden hebben volgens een rapport van DNB meer risico genomen dan nodig was. De pensioenfondsen in Nederland beleggen samen voor zo’n 28 miljard euro in hedgefondsen, dat is ruim 2 procent van de nationale pensioenpot van 1.1.60 miljard euro. Sinds 2008 verkleinen de pensioenfondsen de beleggingen in hedgefondsen wegens de risico’s, tegenvallende resultaten en strenger toezicht. Van de vijftig grootste pensioenfondsen in Nederland belegt bijna eenderde in hedgefondsen.

Gambling on resurrection’ bij pensioenbeleggingen

Er wordt vooral door pensioenfondsen steeds risicovoller belegd. De financiële wereld heeft niets geleerd van de te ingewikkelde derivaten en investeert nu steeds meer en risicovol in de eveneens ingewikkelde Contingent Convertible Bonds (CoCo’s). Dat levert de pensioenfondsen op de korte termijn veel geld op, maar diezelfde CoCo’s zijn waardeloos op het moment dat een bank omvalt of bad bank wordt. Vooral obligatiefondsen lopen enorme risico’s omdat deze alleen kunnen kiezen voor de meest risicovolle variant van volledige afschrijving. Investeerders zoals pensioenfondsen worden gelokt met een opvallend hoge coupon die flink hoger is dan het dividendrendement op een aandeel. Het voordeel voor banken van CoCo’s is, dat het kapitaal onder de nieuwe eisen van Basel III meetelt als buffer, waarmee het een relatief goedkope manier is om kapitaal op te halen. ING bleek vorig jaar belangrijke onderdelen te hebben geschreven van de wet, die Nederlandse banken op de CoCo’s een belastingaftrek van 350 miljoen euro per jaar oplevert. Om buitenlandse projecten te kunnen uitvoeren, hebben ook de waterschappen een coco-lening afgesloten.

Stresstest

Nederlandse pensioenfondsen zijn ook niet goed door de eerste Europese stresstest van de Europese toezichthouder Eiopa gekomen. De gevolgen van de eerste Europese stresstest van alle landen zijn verreweg het grootst voor Nederland. De reserve- en dekkingstekorten van de vier grootste pensioenfondsen geven een pensioengat tot wel 773 miljard euro. De Pensioenfederatie noemt de resultaten van de stresstest in een reactie “niet verrassend”. In januari was er al sprake van een daling van de dekkingsgraden met 5 procentpunten van 102 procent naar 97 procent. De pensioenfondsen hebben al geruime tijd behoorlijk last van de aanhoudend lage rente en de steeds maar dalende olieprijzen. De fondsen maakten ooit een inschatting voor olie als belegging tegen een geschatte prijs die nu bij lange na niet meer gehaald word. De pensioenfondsen moeten een herstelplan indienen volgens de regels van het nieuwe FTK. Alle pensioenfondsen zullen dan ook voorlopig niet indexeren of zelfs moeten korten. Naar schatting zullen 27 kleinere fondsen met daarin 1,8 miljoen deelnemers de pensioenuitkeringen moeten verlagen.
De gemiddelde korting zal 0,5 procent zijn, wat neerkomt op een verschil van 5,50 euro per maand bij een modaal aanvullend pensioen van 1100 euro per maand.

Bij de Stichting bedrijfstakpensioenfonds voor het kappersbedrijf dreigen forse premieverhogingen en aantasting van de pensioenopbouw. Er is al flink gesneden in de kapperspensioenen en ook de kostendekkende premie loopt sterk op. In 2013 werd 7 procent gekort en in 2014 nog eens 2,8 procent. Vanwege de nieuwe UFR stijgt de premie van het pensioenfonds Kappers in 2016 met 13 procent en bij een gelijkblijvende marktrente ligt de premie in 2025 zelfs 40 procent hoger. ZZP’ers kunnen vast rekening houden met een verplichte pensioenbijdrage.

V&D met een omzet van circa 620 miljoen euro en eigendom van de investeerders van Sun Capital ging failliet en liet een schuld achter van minstens 92 miljoen euro, waaronder een vordering van 25 miljoen euro van de Belastingdienst. Daar komen nog tientallen miljoenen bij van uitkeringsinstantie UWV en de verhuurders. Investeringsmaatschappij. Sun Capital was eigendom van Nederlandse pensioenfondsen en nam V&D in 2010 over voor circa 70 miljoen euro. Sindsdien stak Sun Capital tientallen miljoenen pensioengeld per jaar in de warenhuisketen. Ondanks verlaagde huren, ontslagen en reorganisaties moest het bedrijf op 22 december 2016 surseance van betaling aanvragen waarna het op 31 december failliet ging. Pensioenfondsen ABP en PFZW investeerden via Alpinvest in het consortium dat Vendex van de beurs haalde en later het vastgoed verkocht. PFZW bleek via allerlei directe dan wel indirecte beleggingen met V&D te maken te hebben. Zo belegt het in V&D-eigenaar Sun Capital én is het verhuurder van V&D-panden.

ABP

Het belegd vermogen van het ABP is 379 miljard euro en daar staan 421 miljard euro aan verplichtingen tegenover. Jaarlijks ontvangt het fonds 8 miljard euro en dat bedrag wordt ook jaarlijks aan pensioen uitgekeerd. Per 1 april moest het ABP een herstelpremie van 1 % invoeren van 17,8 procent naar 18,8 procent. Het ABP heeft een dekkingsgraad van 103,3 ondanks de er volgens hun eigen cijfers de laatste 20 jaar gemiddeld 7 % rendement op het vermogen is gemaakt.

De overheid “leent” stelselmatig geld van het ABP wanneer de overheidsfinanciën tekortschieten. En dat is tot nog toe elk jaar wel het geval, met als gevolg dat meer dan de helft van de Nederlandse Staatsschuld is betaald uit de “gespaarde” pensioenpot. Begin jaren negentig werd daar door het volk nog wel eens een probleem van gemaakt bijvoorbeeld toen er een tekort bleek van dertig miljard gulden en uitkwam dat driekwart van de afgedragen premie rechtstreeks naar de Staatskas ging.

Het ABP werd daarom formeel op afstand van de overheid geplaatst en in 1996 geprivatiseerd. De organisatie werd omgezet in een “zelfstandige” stichting. Geschrokken van de publiciteit rondom de verduistering door de staat leende (“belegde”) de stichting vanaf 1996 nog maar zo’n veertig procent van het vermogen aan de Staat (obligaties). Om toch zoveel mogelijk rente en bonussen te krijgen op het geïnvesteerde vermogen wordt sindsdien vergeefs risicovol belegd in hedgefondsen CoCo’s en private equity.

Om de tekorten bij het fonds op te vangen werd er gewerkt aan “oplossingen” zoals het opheffen van de VUT en de FPU-regeling. Toen dit niet genoeg bleek werd de pensioenleeftijd opgetrokken en werden er verplichte verzekeringen opgelegd.

Toen de andere verzekeringsmaatschappijen dit niet pikten heeft het ABP de constructie opgesplitst. De uitvoering van de pensioenregeling werd per 1 maart 2008 ondergebracht in een zelfstandige uitvoeringsorganisatie de Algemene Pensioen Groep N.V. Die organisatie bestaat weer uit drie dochterorganisaties: APG, Loyalis en Inadmin. Dick Sluimers stopt 1 januari 2016 als bestuursvoorzitter van APG Group, Sluimers was voorzitter sinds 2008 en al vijfentwintig jaar werkzaam bij ABP en APG, onder andere als chief financial officer en voorzitter van het ABP-bestuur.

Het ABP zette vervolgens samen met het Pensioenfonds Zorg en Welzijn  AlpInvest op, een eigen investeringsfirma die zich onder andere bezig hield met risicovolle beleggen met private equity. Natuurlijk werden vanwege dit gevaarlijke werk enorme bonussen uitgekeerd aan de bestuurders. AlpInvest werd na enig rumoer vervolgens in 2011 verkocht aan de Carlyle Group, waarna het ABP ging deelnemen in Vastgoedfonds Vesteda en tientallen hedgefondsen.

In de ‘Visie 2020′ die door het ABP werd gepresenteerd wordt de beleggingsportefeuille tot 2020 aangepast naar verantwoord beleggen. 58 miljard van het totaal belegd vermogen gaat voortaan naar beleggingen die bijdragen aan een betere en schonere toekomst. De drie thema’s zijn daarbij veiligheid, onderwijs en economische structuurversterkingen, waaronder een verbetering van de communicatie-infrastructuur en een verduurzaming van de energiesector vallen. ABP investeert 300 miljoen euro in INKEF Capital, een investeringsfonds voor jonge technologiebedrijven.

Het doel is om in 2020 350 miljoen extra te hebben geïnvesteerd in schoolgebouwen en 150 miljoen euro extra in onderwijs gerelateerde infrastructuur. Beleggingen in communicatie-infrastructuur gaan met 500 miljoen euro omhoog en de belangen in hernieuwbare energie met 5 miljard euro. Iedereen die voor de Overheid werkt betaalt sinds 1922 vanwege een speciaal hiervoor bedachte Pensioenwet pensioenpremie aan het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP).  De bij het ABP aangesloten werkgevers dragen jaarlijks ruim 7 miljard euro aan pensioenpremie af.

Vesteda

Woningverhuurder Vesteda heeft vorig jaar ondanks de slechte resultaten 742.000 euro betaald aan ex-bestuurder Luurt van der Ploeg voor slechts drie maanden werk. Vesteda kwam voort uit pensioenfonds ABP, en belegt tegenwoordig de miljarden van een twintigtal verschillende verzekeraars en pensioenfondsen. 

Het ABP kwam in 1986 in het nieuws nadat het Rijk te veel subsidie had betaald voor woningbouwprojecten van het pensioenfonds, hetgeen leidde tot een Parlementaire enquête naar bouwsubsidies.

Woningverhuurder Vesteda is met bijna 3,6 miljard c.q 23.000 woningen de grootste commerciële woningbezitter van vooral duurdere appartementen in Nederland. Hiervoor werd in juni bij ABN Amro, Rabobank and BNP Paribas een nieuwe lening afgesloten van 600 miljoen euro bovenop de nog lopende 135 miljoen. Vesteda heeft hiervoor een interne ruim 20 miljoen euro per jaar kostende managementorganisatie die “goed zorgt” voor de bestuurders. Vorig jaar werd in totaal 742.000 euro betaald aan ex-bestuurder Luurt van der Ploeg voor drie maanden werk. Van der Ploeg was registeraccountant en werkte sinds 2010 als financieel bestuurder bij Vesteda. Vanaf juni 2013 was hij zeven maanden interim topman waarna hij in maart 2014 onder bedenkelijke omstandigheden plotseling opstapte. Van der Ploeg begon met zijn gemaakte fortuin een eigen vastgoedadviesbureau.

Eind 2000 daalde het rendement van het ABP ook al naar een gemiddelde van -1,6 procent en de dekkingsgraad zakte onder de honderd procent. Sindsdien eisten politieke partijen meer zekerheid en moest er voortaan minstens 105 procent dekking zijn met beleggingen in veilige obligaties. Voor beleggingen met meer risico eist De Nederlandsche Bank een hogere buffer van 125 procent.

In 2005 steeg deze dekkingsgraad naar 119 procent. De pensioenen waren toen al vijf jaar vrijwel niet geïndexeerd en ook de premies stegen omdat indexatie van bestaande pensioenen en premieverlaging pas is toegestaan bij een dekkingsgraad van 125 procent. En pas boven een dekkingsgraad van 140 procent mag het ABP de pensioenen weer volledig aanpassen aan de loonontwikkeling. In de tweede helft van 2007 werd de toestand opnieuw kritiek toen het ABP 25% op zijn belegde vermogen moest afschrijven.

Van begin 2008 tot en met september 2008 verloor het ABP 22 miljard euro van het pensioengeld en zakte de dekkingsgraad met bijna 60% naar een dieptepunt van 83% in februari 2009. Het ABP had te riskant belegd, onder andere via investeringsmaatschappij Alpinvest.

Eind maart moest het ABP daarom stoppen met indexatie van de pensioenen en de premies verhogen met 3 %, wat zoveel betekende dat van het inkomen van de werknemers vanaf dat moment 23% aan het ABP moest worden afgedragen. In 2010 toen Griekenland haar schulden niet meer kon financieren bleek dat het ABP op dat moment 2,3 miljard euro Griekse staatsschulden bezat die niets meer waard bleken. Het zat ABP niet mee want in hetzelfde jaar was de olieramp in de Golf van Mexico voor. BP was verantwoordelijk voor deze ramp en laat ABP nu juist daarin 570 miljoen euro geïnvesteerd hebben.

De investeringen in Griekenland en BP en de daling van de waarde van de euro, maakten dat de dekkingsgraad van het ABP in mei 2010 daalde naar 96 procent. Dat betekende dat de pensioenen weer niet werden geïndexeerd. In 2011 zakte de Nederlandse tienjaarsrente verder weg en viel de rekenrente terug naar 2,38%, waardoor de pensioenen opnieuw niet werden geïndexeerd.

ABP wist in 2013 van Goldman Sachs, Credit Suisse en Morgan Stanley via schikkingen nog wel een geheim gehouden bedrag  teruggehaald voor beleggingen in hypotheken die via Alpinvest waren aangekocht op basis van valse en misleidende informatie. De leiding van AlpInvest ontving wel eerst nog een bonus van 112 miljoen euro voor de aankoop van deze achteraf slechte producten.

Elco Brinkman is lange tijd bestuursvoorzitter geweest en daarna werd hij tijdelijk opgevolgd door Harry Borghouts, toen een “besproken” Commissaris van de Koningin in Noord-Holland. Als gevolg van de affaire Icesave/Landsbanki binnen de provincie Noord-Holland (die de provincie 78 miljoen euro kostte) besloot Borghouts op aandrang van de leden opstapte om daarna opgevolgd te worden door Ed Nijpels, de voormalige VVD-fractieleider, minister, burgemeester en Commissaris van de Koningin van Friesland.

De vicevoorzitter van het ABP, Xander den Uyl (zoon van wijlen Joop den Uyl en naast vicevoorzitter van het ABP tevens bestuurssecretaris van de ABVAKABO FNV), verdedigde Nijpels en beklemtoonde nog maar eens dat er vooral iemand uit politiek Den Haag de functie moest bekleden. Nijpels had op het moment ook nog 25 andere functies. Medio februari 2010 werd voor Nijpels de grond te heet onder zijn voeten vanwege de perikelen rond DSB.

ABP investeert 100 miljoen euro in The Student Hotel, dat studentenhuisvesting regelt in Amsterdam, Rotterdam en Den Haag om in de komende jaren een uitbreiding naar 10.000 studentenkamers in de belangrijkste Europese studentensteden te realiseren. Het beleggingsfonds AEW Europe waarin ABP en PGGM sterk vertegenwoordigd zijn kocht het Groenenbergterrein bij Schiphol voor 38 miljoen euro van Chipshol.

De vakcentrales CNV, CMHF en het Ambtenarencentrum werden overgehaald om loonsverhogingen te financieren met het pensioen, waarbij het pensioensysteem in plaats van loonindexatie naar prijsindexatie over gaat en de pensioenen niet meer de loonontwikkelingen volgen maar de prijsontwikkelingen.

ABP heeft op papier een beschikbaar vermogen van 356 miljard euro, maar de vereiste beleidsdekkingsgraad is ver onder het wettelijk minimum gedaald. Er werd de afgelopen tien jaar ruim 15 miljard uitgegeven om de vut af te wikkelen.

Er werd 124 miljoen euro belegd in Petrobas en door PGGM zo’n 61,5 miljoen euro. 43% van de waarde hiervan ging in rook op. De marktwaarde van Petrobras is gehalveerd door een wereldwijd corruptieschandaal.

Het ABP heeft circa 1,1 miljoen premiebetalers, 913 duizend slapers (mensen die ooit pensioen opbouwden en die nog pensioen tegoed hebben) en 780 duizend gepensioneerden. (5 miljard aan pensioenen per jaar). Omdat alleen het korten en niet indexeren van de pensioenen de tekorten niet kan dekken wordt nu onderzocht hoe het ABP ontmanteld en in stukken opgeknipt kan worden.

APG

Het grootste pensioenfonds van Nederland APG, een dochter van ABP, die de pensioengelden beheert betaalt een salaris van ruim 6 ton aan de voorzitter van de raad van bestuur en 7 ton aan de Chief Finance and Risk Officer Angelien Kemna.

APG beheert tevens circa 417 miljard euro van ruim 4,5 miljoen (oud-) werknemers uit het onderwijs, de overheid, de bouw, de schoonmaak- en glazenwassersector, woningcorporaties, energie- en nutsbedrijven en de sociale werkvoorziening. APG werkt voor meer dan 30.000 werkgevers en beheert ruim 30% van alle collectieve pensioenen. APG kan de pensioenen voor 2016 al niet laten meestijgen met de gemiddelde loonontwikkeling. De huidige dekkingsgraad is met 90% ver onder het vereiste minimum van 110 procent. Het fonds gaat samenwerken met de Chinese vermogensbeheerder E Fund Management en wil kennis en ervaring delen op het gebied van beleggen met pensioengeld in China.  AlpInvest is een van de grootste beleggers ter wereld in private-equity (privaat vermogen) en beheert zo’n 32,2 miljard euro, voornamelijk voor APG en PGGM.

ASR/a.s.r.

ASR richt in een aparte stichting Het Nederlandse pensioenfonds op en gaat in 2016 van start zodra de benodigde vergunning is verkregen van De Nederlandsche Bank (DNB). ASR gaat binnen de constructie als dienstverlener optreden en heeft de premie-inkomsten met 10 procent verhoogd tot bijna 2,5 miljard euro en zo de winst van het eerste halfjaar ruimschoots verdubbeld tot 397 miljoen euro. NLFI redde via ASR onlangs nog de noodlijdende insolvabele pensioenverzekeraar “De Eendragt Pensioen” waarin 22.000 deelnemers zitten met een belegd vermogen van 1,7 miljard euro. De twee zittende directieleden van Eendragt moesten aftreden en werden vervangen door Eendragt – en Vivat bestuurder Albert Bakker en André van Vliet.

Aegon

Samen met dochterbedrijf TKP heeft Aegon een vergunning van de Nederlandsche Bank (DNB) gekregen om een algemeen pensioenfonds (APF) op te richten. Het “Stap” Algemeen Pensioenfonds is de eerste in zijn soort in Nederland. Bij een algemeen pensioenfonds kunnen meerdere pensioenregelingen naast elkaar worden aangeboden. Hierdoor kunnen de kleine fondsen samenwerken met behoud van hun eigen regeling. Het fonds is opgericht met een startkapitaal van pensioenuitvoerder TKP en Aegon samen en is volledig zelfstandig.

Ahold

Ahold zakte tussen mei en juni van 106,5% naar 105,6

BP

BP wil het pensioenfonds en het vermogen van 4000 werknemers ad 1,2 miljard euro naar België verplaatsen en wacht op toestemming hiervoor van de toezichthouders. Met de verplaatsing wil BP de kosten met circa 1 miljoen drukken door een Pan-Europees pensioenfonds op te richten. ExxonMobil met een pensioenvermogen van 2,5 miljard euro zou dezelfde plannen hebben.

De Eendragt

Pensioenfonds de Eendragt moest gered worden en werd door de Staat genationaliseerd via NLFI en ASR.

HAL

Dit fonds verzorgt de pensioenen van ruim 1500 oud-werknemers van de beroemde rederij Holland-Amerika Lijn. Na de verkoop van de rederij is HAL omgevormd tot een investeringsbedrijf maar slechts enkele tientallen hooggeschoolde werknemers. Het gevolg is dat tegenover de 1500 gepensioneerden slechts 42 werknemers staan die pensioen opbouwen. de pensioenen jaarlijks verhogen. De 42 werknemers van HAL bouwen wél pensioen op maar de pensioenpremie die zij betalen is vastgesteld op 0%; dus wél pensioenopbouw maar géén premie.

KLM

Het fonds Cabinepersoneel ziet de dekkingsgraad dalen naar 102,8%. KLM Vliegens Personeel zakt snel en staat op 98,1% (eind mei: 119,4%) en het KLM Algemeen komt op 106% (eind mei 107,3%).98,1

MN

Pensioenfonds MN zorgt voor de pensioenen van (oud) medewerkers van MN (Mn- Services N.V.). Uit uit het roodkleurende jaarverslag blijkt een verlies van 13,8 miljoen euro op een omzet van 200 miljoen euro. Het bestuur kostte 1,7 miljoen euro voor drie statutair bestuurders. In 2014 was dat nog 1,5 en in 2013 ruim €1 miljoen. Bestuursvoorzitter René van der Kieft wijt dit aan de 1 miljoen euro vertrekpremie van voormalig bestuurders Ruud Hagendijk en Walter Mutsaers en dure IT investeringen. De afgeschafte variabele beloning voor bestuurders werd in 2014 voor 50% gecompenseerd met een hoger vast salaris. MN beheert een pensioenvermogen van 114 miljard euro. Een mislukt ICT voor het automatiseren van werkprocessen kostte het fonds 15 miljoen euro.

Mercurius

Mercurius en voormalig bestuurder (1986-2012) Jonkheer Rijnhard de Beaufort zijn gedaagd door hun eigen klanten vanwege wanbeheer en belangenverstrengeling. (was tegelijkertijd ook directeur van Bank Insinger de Beaufort en bestuurder van Euronext) Ook andere oud bestuurders kunnen nog worden vervolgd voor de opgelopen schade. Het pensioenfonds van Euronext, AFM, Euroclear Nederland,LHC Cleasnet Amsterdam, AtosEuronext Nederland en het Dutch Securities Institute behaalde dramatische beleggingsresultaten (tot 83%) die onder ander te wijten waren aan de dubbelrol die de bestuurder had. Ondanks een bijstorting van 21 miljoen euro in 2013 konden pensioenen niet worden geïndexeerd en werden deze zelfs 3% gekort. Er was al een dagvaarding uitgebracht in 2013 met betrekking tot een geleden schade van circa 20 tot 50 miljoen euro. Het verwijt is dat het renterisico van het pensioenfonds onvoldoende was afgedekt, ondanks het dekkingstekort. Deze zaak zit nu in de beroepsfase. Het pensioenfonds zit sinds eind 2014 in liquidatie en de uitvoering is uit handen gegeven aan Delta Lloyd.

Nationale Algemeen Pensioenfonds

De onderdelen AZL en NN Investment Partners van de Nationale Nederlanden Group, starten binnenkort samen met een algemeen pensioenfonds onder de naam De Nationale Algemeen Pensioenfonds. AZL gaat de administratie, actuariële diensten, bestuurs- en communicatieadvies en -uitvoering verzorgen en NN IP wordt de fiduciair vermogensbeheerder.
Het nieuwe “Nationale Algemeen Pensioenfonds” krijgt vier collectiviteitskringen met ieder een eigen dekkingsgraad en heeft dan ineens 900.000 deelnemers.
Hiervoor moet nog wel even het wetsvoorstel Algemeen pensioenfonds langs de Eerste Kamer. Ook ASR, Aegon, Centraal Beheer en Delta Lloyd zijn bezig met zo’n Algemeen pensioenfonds. Met de vorming van deze Algemeen fondsen verdwijnen de ‘harde garanties’, zoals die nu gelden bij garantiecontracten waardoor de hoogte van het uiteindelijke pensioen in de toekomst aanzienlijk lager kan worden. Staatssecretaris Klijnsma dient een wetsvoorstel in dat regelt dat verplicht gestelde bedrijfstakpensioenfondsen ook toegang krijgen tot zo’n Algemeen pensioenfonds. Het nieuwe aan zo’n algemeen pensioenfonds is dat meerdere werkgevers uit verschillende branches zich hierbij kunnen aansluiten en hun pensioenregeling financieel gescheiden kunnen laten uitvoeren. Dat levert onder meer door schaalvergroting een besparing op van verschillende lasten en kosten.

Nederlandse Groothandel
De pensioenfondsen Vlakglas en Nederlandse Groothandel willen fuseren tot de combinatie ‘Pensioenfonds Nederlandse Groothandel’, maar het Verbond van Verzekeraars maakte op het laatste moment bezwaar tegen een wijziging in de verplichtstelling van pensioenfonds Vlakglas omdat de representativiteit onvoldoende onderbouwd was. De representativiteit is een noodzakelijk vereiste voor de verplichtstelling. De fusie stond oorspronkelijk gepland voor 30 juni, maar dit wordt nu naar verwachting 30 september. Het fonds zal ongeveer 1,7 miljard euro aan vermogen gaan beheren.

PFA

Het Pensioenfonds Accountancy gaat samen met nog twee fondsen nog dit jaar de opgebouwde pensioenen flink verlagen. Gemiddeld wordt bijna 150 euro pensioen per jaar gekort. In totaal gaat het om ongeveer 9000 deelnemers en vijfhonderd gepensioneerden. (waarvan een ruime 3.000 nog betalende accountants) De pensioenopbouw over 2015  wordt met 25% verlaagd en de opbouw over 2016 met 13%. De kortingen gelden niet voor de eerder opgebouwde rechten dus de nu uitgekeerde pensioenen blijven hetzelfde. De premies en het renterisico van eerdere jaren werd door PFA vanwege de dure premies vanaf 2015 in eigen beheer belegd. Omdat de rentedaling doorzette waren de premies onvoldoende om de verdere opbouw te financieren. Voor de komende periode denkt het fonds na over het verhogen van de premies. Het grootste deel van de deelnemers is al gepensioneerd of valt onder een andere pensioenregeling en hebben dus geen last van de ingreep. PFA heeft een vermogen van 370 miljoen euro. 

PFUWV

Het Pensioenfonds UWV is verantwoordelijk voor het pensioen van (oud) medewerkers van het UWV. PFUWV is een ondernemingspensioenfonds met ongeveer 50.000 deelnemers. Het fonds beschikt over een fondsvermogen van bijna zeven miljard euro. De dagelijkse operationele werkzaamheden van het pensioenfonds zijn grotendeels uitbesteed aan verschillende partijen.

PFZW

Pensioenfonds Zorg en Welzijn (PFZW) zag de beleidsdekkingsgraad in oktober stijgen van 94,2 procent naar 96,7 procent.Het Pensioenfonds Zorg en Welzijn zorgt voor het pensioenbeleid van ruim 2,5 miljoen (oud-)werknemers in de sector zorg en welzijn. Het pensioenvermogen bedroeg meer dan 170 miljard euro. Het bestuur is zowel verantwoordelijk voor de inhoud van de pensioenregeling als voor het fondsbeleid. De uitvoering wordt uitbesteed aan uitvoeringsorganisatie PGGM. PFZW is na ABP het grootste pensioenfonds van Nederland. Bij PFZW daalde het belegd vermogen tot 161,4 miljard euro, bij een negatief rendement van 3,2 procent. PFZW gaat 3 miljard investeren in hypotheken van de leden. Het op één na grootste fonds van Nederland heeft besloten om de premie voor het ouderdoms- en nabestaandenpensioen voorlopig gelijk te houden op 23,5 procent.

PGB

Pensioenfonds PGB is op het overname en uitbreidingspad en bedient al 2.000 werkgevers met circa 54.000 werknemers en arbeidsongeschikte deelnemers en heeft ongeveer 68.000 pensioengerechtigden en 143.000 oud-werknemers uit verschillende sectoren. Het fondsvermogen bedraagt circa 21 miljard euro. Vorig jaar werd pensioenfonds Vereenigde Glasfabrieken binnengehaald en dit jaar sloot het fonds groothandel in bloemen en planten zich aan. Sinds 2010 gingen circa zeventien andere pensioenfondsen over naar PGB. Eind juni daalde de beleidsdekkingsgraad van 98,3% naar 97,5%.

PGGM

PGGM stak 330 miljoen euro  in Franse groene staatsobligaties voor programma’s die zijn gericht op het verlagen van CO2-uitstoot en het vergroten van biodiversiteit in Frankrijk. De lening wordt over 22 jaar afgelost en het is dan ook de langstlopende ‘green bond’ die ooit in euro’s is uitgegeven. PGGM heeft in totaal nu ten behoeve van Pensioenfonds Zorg en Welzijn 10,6 miljard euro belegd in oplossingen voor klimaat, waterschaarste, voedselzekerheid en gezondheidszorg. Het pensioenvermogen van het fonds bedroeg in het derde kwartaal van vorig jaar in totaal 185 miljard euro.

Het Pensioenfonds PGGM heeft het in 1963 opgerichte Leaseplan voor 3,7 miljard van Volkswagen gekocht, samen met Goldman Sachs, het Deense pensioenfonds ATP, de staatsinvesteringsfondsen ADIA uit Abu Dhabi, het Singaporese GIC, enkele investeringsfondsen die worden geleid door het Britse TDR Capital. De instellingen hebben het vo0rnemen om het aangekochte leasebedrijf naar de beurs te brengen. De Europese Centrale Bank (ECB) had geen bezwaar tegen de overname van LeasePlan door de groep investeerders. Met de transactie was 3,7 miljard euro gemoeid. LeasePlan moest in 2008 nog gered worden en een beroep doen op de garantieregeling van de overheid voor in totaal 6,5 miljard euro, terwijl er 3 miljoen aan bonussen was uitgekeerd. Er is een jaarwinst van 372 miljoen. De 4,3 miljard aan beheerd spaargeld is door het bedrijf verbruikt voor de financiering van de autoleaseactiviteiten. De levensverzekeringstak met ruim 60.000 polishouders en 75.500 polissen worden inclusief negen werknemers verkocht aan Leidsche verzekeringen. De beleggers wilden twee miljard van het aankoopbedrag met geleend geld betalen. Een klein deel van de gewenste lening werd ondergebracht bij een Canadese investeerder, maar het grootste kwam van de uitgifte van obligaties. Omdat het opgehaalde geld dient om het risicovolste deel van een bank te financieren, hebben de obligaties een lage kredietwaardigheid. Ruim 1,6 mrd aan obligaties zijn verhandeld. De coupon is voor het grootste deel 6,875%
De commitment in de BAM PPP PGGM Infrastructure Coöperatie U.A. groeide van 140 naar 620 miljoen euro. het totale gecommitteerd vermogen van de joint venture is nu 775 miljoen euro. Van dit bedrag is 489 miljoen euro geïnvesteerd in een kleine dertig projecten en in Nederland in zeven pps-projecten.  PGGM verstrekt als ondersteunend belegger tachtig procent van het benodigde kapitaal voor de projecten. 

In 2015 ondertekende PGGM in Canada een akkoord met andere internationale beleggers om de CO2-voetafdruk van hun hele portefeuille te gaan meten. Het uiteindelijke doel is een halvering van de uitstoot van koolstofdioxide in de beleggingen, ergens in de toekomst. (2,5 miljoen deelnemers, 156 miljard euro vermogen eind 2014). PGGM investeert samen met investeerder Macquarie Capital 50 procent (625 miljoen euro) in het nieuwe Duitse offshore windpark Baltic 2. PGGM had al voor zo’n 900 miljoen euro geïnvesteerd in groene energie en investeerde ook al in een windpark in de Ierse Zee en een aantal parken op land. Baltic 2 wordt aangelegd door energiebedrijf En BW die de andere (ruim) 50 procent van de aandelen houdt. PGGM heeft zo’n 61,5 miljoen euro in Petrobras belegd. 43% van de waarde hiervan ging in rook op.  AlpInvest is een van de grootste beleggers ter wereld in private-equity (privaat vermogen). Het beheert volgens de meest actuele cijfers 32,2 miljard euro, voornamelijk voor APG en PGGM.

PME

Bij het Pensioenfonds Metaal & Elektrotechniek  zakte de beleidsdekkingsgraad naar 90,7%. PME verwacht in 2017 niet te hoeven korten.

PMT

Bij het Pensioenfonds Metaal & Techniek (PMT) zakte de beleidsdekkingsgraad begin 2017 naar 94,5%. Het fonds heeft in de afgelopen jaren de pensioenen al gekort maar de problemen blijven groot. PMT verwacht in 2017 niet opnieuw te hoeven korten. De beleidsdekkingsgraad is eind september namelijk uitgekomen op 98,9%.

Pensioenfonds PostNL

Het fonds van PostNL is ook verslechterd. De beleidsdekkingsgraad schommelt rond de 106,8 procent. Pensioenfonds PostNL is verantwoordelijk voor het pensioen van ongeveer 96.400 PostNL deelnemers. Wanneer de Nederlandsche Bank akkoord gaat dan worden de pensioenen van Stichting Pensioenfonds Elsevier-Ondernemingen (SPEO) dat de pensioenen beheert van de werknemers van Reed Elsevier Nederland binnenkort overgeheveld naar het Pensioenfonds voor de Grafische Bedrijven (PGB). SPEO wordt dan opgeheven.

SPH

Het Pensioenfonds voor Huisartsen (SPH) investeert 80 miljoen euro in een nieuw zorgvastgoedfonds voor huisartsenpraktijken, verpleeghuizen en beschermd wonen. Het fonds is samen met de Nederlandse Investeringsinstelling (NLII), Hartelt Fund Management (HFM) en PGGM (als uitvoeringsorganisatie) ontwikkeld.Naast eerstelijnszorgcentra (30%) wordt geïnvesteerd in verpleeghuizen (40%) en beschermd wonen (30%). Het fonds investeert niet alleen in nieuw zorgvastgoed maar ook in de renovatie van bestaande locaties. Het zorgvastgoedfonds met een kapitaal van 200 miljoen euro functioneert zelfstandig en onafhankelijk van SPH. SPH belegt dus niet rechtstreeks in het vastgoed. Het SPH heeft 18.000 deelnemers en 9,7 miljard euro vermogen.

Het Pensioenfonds Vervoer

Er zal de komende jaren waarschijnlijk geen verhoging van de pensioenuitkeringen of pensioenaanspraken plaatsvinden bij het Pensioenfonds Vervoer. Het fonds mocht zelfs tijdelijk geen waardeoverdrachten meer doen van andere fondsen omdat de dekking naar 99,6% was gezakt. Er is in 2015 een herstelplan ingediend bij de Nederlandse bank. door de magische grens van 100% gezakt. In totaal heeft het fonds 635.500 deelnemers en beschikt het over 19,6 miljard euro aan belegd vermogen. Het Pensioenfonds Vervoer liet 5,4 miljard euro beheren door Goldman Sachs en leed 250 miljoen euro schade omdat Goldman speculeerde op de prijsdaling van door de bank zelf verkochte financiële producten. Zowel het ABP als Pensioenfonds Vervoer deed geen aangifte van strafbare feiten bij Justitie omdat dit niet gebruikelijk is in de pensioenwereld. Na protesten van het pensioenfonds werd de zaak in der minne geschikt.

Zorg en Welzijn

Zorg & Welzijn (in grootte het tweede fonds na ABP) heeft een actuele dekkingsgraad van 88,4%. Zorg en Welzijn stopt nu met beleggingen in hedgefondsen. De investeringen van de speculatieve beleggers kosten het pensioenfonds te veel, hebben te weinig rendement, zijn te complex en de hoge beloningen in de hedge fundsector en het vaak beperkte oog voor maatschappij en milieu zijn de aanleiding om hiermee te stoppen. Eind 2013 werd nog voor drie miljard belegd in circa veertig verschillende hedgefondsen. (2 procent van de totale beleggingsportefeuille).
Eind 2013 was 3 procent van het vermogen van 137 miljard euro, ofwel 4 miljard euro, belegd “in maatschappelijke oplossingen”. In 2020 moet dat aandeel investeringen zijn verviervoudigd tot 12 procent. Als het vermogen dan verder is gegroeid, zoals het fonds verwacht, gaat het mogelijk om duurzame beleggingen voor 20 miljard euro of meer. Het vermogen is nu 179 miljard euro. De beleggingen van Zorg en Welzijn worden gedaan door pensioenuitvoerder PGGM.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *