Lees hier onze andere blogs
Palantir Technologies, een Amerikaans bedrijf gespecialiseerd in big data-analyse en kunstmatige intelligentie (AI), speelt een belangrijke rol in de activiteiten van veiligheidsdiensten, maar ook in oorlogsvoering zowel in Afrika, Israël, de VS als in de EU. Onder Donald Trump, met name tijdens zijn eerste (2017-2021) en tweede termijn (sinds 2025), is het gebruik van Palantir’s software, zoals het Gotham-platform, door Amerikaanse veiligheidsdiensten aanzienlijk toegenomen. Maar het roept tegelijk fundamentele vragen op over technologische soevereiniteit en operationele afhankelijkheid.
Pensioenfonds ABP stopt per april 2026 met beleggen in Palantir Technologies. Het pensioenfonds stelt “genoeg gezien te hebben” van het bedrijf na aanhoudende kritiek op de ethische aspecten van de bedrijfsvoering nadat het bedrijf van peter Thiel al onder vuur lag vanwege de inzet van hun software door de Amerikaanse immigratiedienst (ICE) en de ondersteuning van militaire operaties, waaronder die van het Israëlische leger in Gaza. Het besluit volgt op maandenlange negatieve berichtgeving en de met 26% gedaalde koers van het aandeel Palantir in 2026. ABP had begin 2026 nog honderden miljoenen euro’s in het bedrijf geinvesteerd. De stap past in een reeks desinvesteringen van ABP in grote Amerikaanse techbedrijven als Tesla, Meta en Alphabet vanwege zorgen over goed bestuur.
Palantir Technologies van Peter Thiel, levert dataplatforms en analysetools die door overheden en defensie-instanties worden gebruikt voor militaire operaties in conflicten zoals in Israël en Oekraïne. Het bedrijf biedt software zoals Palantir Gotham en Foundry, waarmee grote hoeveelheden gegevens uit verschillende bronnen kunnen worden samengebracht en geanalyseerd. Deze systemen worden gebruikt om dreigingen te identificeren, logistiek te coördineren en strategische beslissingen te ondersteunen.
In Israël en Oekraïne wordt Palantir ingezet door militaire en veiligheidsdiensten om informatie te verwerken die afkomstig is van sensoren, drones en andere inlichtingenbronnen. De software helpt bij grensbewaking, drone-operaties en het plannen van missies. In Oekraïne wordt Palantir gebruikt door het Oekraïense leger en internationale partners om realtime gegevens over frontlinies, Russische troepenbewegingen en wapenlocaties te analyseren, waardoor commandanten sneller en nauwkeuriger kunnen reageren.
In Afrikaanse landen wordt Palantir ingezet door overheden en internationale organisaties om veiligheid, grensbewaking en humanitaire operaties te ondersteunen. De software helpt bij het analyseren van data uit verschillende bronnen, zoals sensoren, drones en mobiele netwerken, om dreigingen te signaleren en logistieke operaties te coördineren.
Palantir Technologies levert ook dataplatforms die door militaire en inlichtingendiensten worden gebruikt bij conflicten in Irak en Iran. Het bedrijf biedt software zoals Palantir Gotham en Mosaic, waarmee grote hoeveelheden gegevens uit verschillende bronnen kunnen worden samengebracht, geanalyseerd en gevisualiseerd. In Irak is Palantir ingezet door Amerikaanse troepen om informatie uit satellieten, sensoren en veldagenten te verwerken, waardoor strategische beslissingen en militaire operaties sneller konden worden uitgevoerd. In Iran wordt Palantir gebruikt in het kader van monitoring van nucleaire activiteiten, onder meer via het Mosaic-platform dat door internationale organisaties zoals het IAEA wordt toegepast om verrijkt uranium en andere nucleaire dreigingen te volgen.
Recent heeft Palantir contracten gesloten met Amerikaanse speciale operaties om software te integreren voor missieplanning en AI-ondersteuning. Hoewel de exacte toepassingen geheim blijven, bevestigen de contracten de uitbreiding van Palantir’s rol in analytische ondersteuning van militaire operaties in de regio.
Maar ook de National Health Service (NHS) heeft de data-analyse en digitalisering van de gezondheidszorg ondergebracht bij Palantir die de softwareplatformen (zoals Foundry) levert, waarmee de NHS grote hoeveelheden zorgdata kan integreren en analyseren om:
- Ziekenhuiscapaciteit te beheren (bedden, personeel, wachttijden);
- Patiëntenstromen te optimaliseren;
- Besluitvorming te verbeteren met realtime data;
- Efficiëntie in het zorgsysteem te verhogen.
De samenwerking kreeg veel aandacht tijdens de Covid19 pandemie. Palantir hielp de NHS bij het bouwen van een centraal dataplatform voor de vaccinatieplanning, het voorraadbeheer (zoals PPE/PBM) en het monitoren van besmettingen. Dit project stond bekend als de COVID-19 Data Store.
In 2023 kreeg Palantir een groot contract om het zogeheten Federated Data Platform (FDP) te bouwen met als doel om data uit verschillende NHS-systemen samen te brengen om zo wachttijden te kunnen verkorten, zorgcoördinatie te verbeteren rn administratieve lasten te verminderen. En ook hier is het niet duidelijk hoe veilig de patiëntgegevens zijn en door wie deze zijn in te zien, zeker gezien de commerciële invloed en de afhankelijkheid van de grote Amerikaanse investeerders.
De National Health Service (specifiek NHS England) heeft het contract via een open en competitieve aanbesteding uitgeschreven volgens Britse en EU-achtige aanbestedingsregels met een zogeheten “competitive dialogue procedure” (gebruikelijk bij complexe IT-projecten).
Meerdere leveranciers konden meedoen en er waren meerdere rondes (technisch, financieel, operationeel) waarna de beoordeling gebeurde op vooraf vastgelegde criteria. Palantir had echter een voorsprong want vóór de grote FDP-deal had Palantir al het Covid-19 dataplatform gebouwd voor de NHS en daarna tijdelijke contracten en verlengingen gekregen. Dit gaf Palantir niet alleen een technische voorsprong maar ook een persoonlijke, ze hadden immers al relaties binnen NHS-organisaties opgebouwd. In november 2023 haalde Palantir vlak voor Kerst het contract ter waarde van £330 miljoen voor de duur van 7 jaar binnen. De £330 miljoen is slechts het startbedrag. Door extra modules en verlengingen kan het bedrag gemakkelijk oplopen naar bijna een miljard.
Het netwerk achter de schermen
Matthew Swindells, een senior bestuurder binnen de Britse gezondheidszorg bleek betrokken bij zowel de publieke besluitvorming als private adviesrollen rondom het dataplatform. Matthew Swindells, sinds april 2022 medevoorzitter van vier ziekenhuistrusts in Noordwest-Londen, had tegelijkertijd banden met Palantir Technologies via zijn rol als adviseur bij het inmiddels opgeheven consultancybedrijf Global Counsel. Vanwege deze combinatie van functies werd hij volgens bestuursdocumenten van onder meer Chelsea and Westminster Hospital NHS Foundation Trust uitgesloten van besluitvorming met betrekking tot Palantir. Peter Mandelson was medeoprichter van Global Counsel en stond in nauw contact met Jeffrey Epstein aan wie hij wel vaker informatie verstrekte wat Epstein dan weer kon gebruiken in zijn relatie met Peter Thiel. Global Counsel was het bureau dat Palantir en Peter Thiel adviseerde.
De nauwe verwevenheid tussen de top van Global Counsel en omstreden private netwerken kwam pijnlijk aan het licht door gelekte e-mails uit 2012. Hieruit bleek dat Peter Mandelson vertrouwelijke marktanalyses, waaronder een ‘Insight note’ over de LIBOR-bankenfraude rechtstreeks deelde met Jeffrey Epstein. In deze correspondentie vroeg Epstein expliciet naar Mandelsons relaties met topbankiers (‘how close are you and Agius?’), wat duidt op een rol van Global Counsel als informatiekanaal tussen de Britse establishment en private financiers.”
Het feit dat Global Counsel (het bureau waar Matthew Swindells adviseur was) zo nauw verbonden was met de top van de Britse politiek en tegelijkertijd informatie deelde met figuren als Epstein, creëert een patroon. Swindells zat dus bij een bureau dat erom bekend staat deuren te openen voor grote spelers (zoals Palantir en Peter Thiel).
De e-mail (Epstein DOJJ dossier EFTA_R1_00076381) bewijst dat Global Counsel interne analyses gebruikt om invloedrijke personen te bedienen. Dit voedt de angst dat patiëntdata binnen de NHS, via dergelijke kanalen, ook onderwerp kunnen worden van commerciële of politieke “handel”.
Het document bevestigt dat Global Counsel-voorzitter Peter Mandelson Epstein voorzag van strategische insider-informatie over de Britse financiële sector, precies in de periode dat het bureau zijn positie als adviseur voor tech-giganten en private equity verstevigde.” Het bewijst dat de zorgen van artsen en parlementariërs over “wie er meekijkt” niet uit de lucht gegrepen zijn, maar gebaseerd zijn op de gedocumenteerde werkwijze van de betrokken adviseurs.
De verbindingen tussen de private advieswereld en de publieke besluitvorming zijn dus nauw verweven. Global Counsel, het consultancybureau mede-opgericht door Peter Mandelson, adviseerde Palantir bij hun Britse expansie. Tegelijkertijd was Matthew Swindells zowel adviseur bij dít bureau als een topbestuurder binnen de NHS die betrokken was bij de strategie rondom patiëntdata. Hoewel Swindells formeel werd uitgesloten van de uiteindelijke gunning, roept de nauwe verstrengeling tussen de adviseurs van Palantir en de architecten van het NHS-beleid grote vragen op over de integriteit van de aanbesteding.
Swindells kwam in mei 2024 in opspraak nadat hij in een e-mail aan andere senior NHS-bestuurders pleitte voor het gebruik van huisartsgegevens binnen het door Palantir ontwikkelde Federated Data Platform. In die mail stelde hij voor om patiëntdata uit Noordwest-Londen gefaseerd beschikbaar te maken voor het platform, te beginnen met geaggregeerde gegevens en mogelijk later uit te breiden naar individuele dossiers. Volgens Swindells zou dit nodig zijn om geautomatiseerde processen en efficiëntere zorgsturing mogelijk te maken.
Dit voorstel was buiten de lijntjes, omdat het platform officieel en feitelijk bedoeld was voor operationele data, zoals wachttijden en personeelsplanning en niet voor het bundelen van uitgebreide medische dossiers uit de eerstelijnszorg. Het toevoegen van dergelijke gegevens zou het systeem kunnen transformeren tot een brede databank voor populatiegezondheid, met ingrijpende gevolgen voor privacy en databeheer. Binnen de NHS gelden strikte regels voor gegevensdeling, juist om te voorkomen dat medische informatie buiten afgesproken kaders wordt gebruikt. Toch is het voorstel nog niet geheel van tafel. Onder de ontvangers van Swindells’ e-mail bevond zich onder anderen Penny Dash, die later voorzitter werd van NHS England. Kort na de mail werd binnen bestuurlijke kringen verder gesproken over mogelijke toepassingen van het platform, waaronder de ontwikkeling van bredere analysetools.
Swindells zelf stelde later dat zijn voorstel verkeerd is geïnterpreteerd en uitsluitend betrekking had op lokaal datagebruik binnen bestaande, beveiligde systemen. Volgens hem is het plan nooit uitgevoerd. NHS England benadrukte in reactie dat vertrouwelijke patiëntgegevens alleen gedeeld kunnen worden met expliciete toestemming en binnen strikte juridische kaders en dat de controle over de data altijd bij de NHS blijft. De controverse past in een bredere discussie over de rol van Palantir binnen de Britse gezondheidszorg.
De samenwerking tussen de NHS en Palantir staat steeds verder onder druk. Wat begon als een ambitieus digitaliseringsproject, is uitgegroeid tot een politiek en institutioneel conflict waarin zorgpersoneel, parlementariërs en ministers lijnrecht tegenover elkaar staan. Binnen de NHS groeit het verzet zichtbaar. Artsen en zorgmedewerkers, gesteund door beroepsorganisaties zoals de British Medical Association, hebben zich openlijk tegen het gebruik van het door Palantir ontwikkelde Federated Data Platform gekeerd. Sommigen weigeren er zelfs mee te werken en vragen om herplaatsing vanwege deze specifieke feiten over de herkomst van het platform. Britse ministers onderzoeken actief of zij gebruik kunnen maken van een zogeheten “break clause” om het contract voortijdig te beëindigen. Die optie wordt overwogen vanwege aanhoudende zorgen over publieke vertrouwen, dataveiligheid en de rol van buitenlandse technologiebedrijven in kritieke infrastructuur.
Parlementariërs benadrukken dat de kritiek niet louter ideologisch is, maar voortkomt uit concrete vragen over transparantie, aanbestedingsprocedures en mogelijke afhankelijkheid van één leverancier. Er is bovendien twijfel of de NHS zich niet te sterk heeft vastgelegd in een systeem dat moeilijk vervangbaar is, een klassiek risico van zogeheten “vendor lock-in”.
De controverse wordt verder gevoed door interne spanningen binnen de NHS zelf. Eerdere onthullingen lieten zien dat senior functionarissen zich zorgen maakten over reputatieschade en afnemend draagvlak, wat de landelijke uitrol van het platform zou kunnen ondermijnen.
Hoewel Swindells formeel werd uitgesloten van de besluitvorming, leidde zijn betrokkenheid bij discussies over datagebruik tot stevige kritiek en reputatieschade. In de nasleep van de controverse zag hij zich genoodzaakt zijn rol en externe adviesactiviteiten terug te schroeven, wat binnen bestuurlijke kringen werd gezien als een indirecte consequentie van de ophef.
Ondertussen blijft de overheid balanceren tussen twee tegengestelde realiteiten. Enerzijds wijzen NHS-instellingen op concrete voordelen van het platform, zoals efficiëntere planning en kortere wachttijden. Anderzijds groeit de maatschappelijke en politieke weerstand, waarbij vragen over privacy, controle en publieke waarden steeds centraler komen te staan.
De uitkomst van het onderzoek naar de break clause kan bepalend zijn voor de toekomst van digitale infrastructuur in de Britse zorg. Wat op het spel staat, is niet alleen een contract, maar de fundamentele vraag wie de controle heeft over medische data in een steeds verder gedigitaliseerd zorgsysteem.
De grote institutionele beleggers zoals Vanguard, BlackRock en State Street hebben samen een aanzienlijk deel van de aandelen in Palantir. Peter Thiel blijft een van de grote insiders, maar hij is niet dominant in de zin dat hij alleen de controle heeft. Zijn aandeel is nog relatief klein vergeleken met die van de grootste institutionele beleggers.
Larry Fink heeft BlackRock sinds 1988 uitgebouwd tot de grootste vermogensbeheerder ter wereld en Robert S. Kapito, de medeoprichter, speelt een sleutelrol in de strategische investeringen in de defensiesector. BlackRock is een grote aandeelhouder van Lockheed Martin, Boeing, Raytheon, General Dynamics en Northrop Grumman, bedrijven die wapens, gevechtsvliegtuigen, raketten, drones en nucleaire wapensystemen fabriceren, die in conflicten zoals in Palestina, Jemen en Oekraïne worden ingezet. BlackRock heeft ook belangen in kleinere wapenfabrikanten, zoals Sturm Ruger, Vista Outdoor en Axon Enterprise. Het bedrijf beheert het iShares U.S. Aerospace & Defense ETF, dat gericht is op de Amerikaanse luchtvaart en defensiesector en een index volgt met bedrijven zoals Lockheed Martin, Boeing en Northrop Grumman. Het BlackRock Equity Dividend Fund heeft een aanzienlijk deel van zijn portefeuille geïnvesteerd in militaire aannemers, nucleaire wapenfabrikanten en controversiële wapens, zoals clustermunitie en verarmd uranium. BlackRock investeert ook in Elbit Systems, Israëls grootste beursgenoteerde wapenbedrijf, dat drones en bewakingstechnologie levert voor militaire operaties in Gaza en de Israëlische apartheidsmuur. Daarnaast heeft BlackRock belangen in Chinese bedrijven die gelinkt zijn aan het Volksbevrijdingsleger en nucleaire programma’s, zoals Hikvision, ondanks Amerikaanse sancties.
Vanguard’s massale investeringen in de wapenindustrie, vooral via passieve fondsen, maken het bedrijf een centrale speler in het financieren van wapens die in controversiële conflicten worden gebruikt. Hoewel Vanguard geen directe controle uitoefent over bedrijven zoals Lockheed Martin of Elbit Systems, maakt zijn enorme aandeelhoudersmacht het medeverantwoordelijk voor de ethische implicaties van deze investeringen. In de context van NAVO-corruptie, zoals het NSPA-onderzoek en het Agusta-schandaal, blijft Vanguard’s rol indirect en profiteert het van de winsten van wapenbedrijven. De schaal van Vanguard’s investeringen roept vragen op over de morele verantwoordelijkheid van passieve beleggers in een industrie die gedijt op conflict.
State Street Corporation speelt ook een belangrijke rol in de wapen- en defensie-industrie door investeringen in wapenfabrikanten en militaire aannemers. Net als BlackRock en Vanguard richt State Street zich voornamelijk op passieve beleggingen via indexfondsen en ETF’s, wat resulteert in aanzienlijke aandelenbelangen in defensiebedrijven zonder directe operationele controle. In het Verenigd Koninkrijk is State Street, samen met BlackRock en Vanguard, een grote investeerder in wapenbedrijven zoals BAE Systems en Rolls-Royce, die motoren leveren voor militaire vliegtuigen. State Street investeert in Elbit Systems, dat drones, bewakingstechnologie en munitie levert voor militaire operaties in Gaza, wat heeft geleid tot kritiek van mensenrechtenorganisaties die State Street, BlackRock en Vanguard beschuldigen van medeplichtigheid aan schendingen van internationaal recht in bezette Palestijnse gebieden. In Europa steunt State Street bedrijven zoals Airbus en Thales, die militaire contracten uitvoeren voor NAVO-landen en de EU. State Street profiteert indirect van NAVO’s gestandaardiseerde wapeninkopen, omdat bedrijven zoals Lockheed Martin, Boeing en RTX, waarin State Street investeert, grote NAVO-contracten binnenhalen. De investeringen van State Street in de wapenindustrie maken het een belangrijke financier van wapens die in conflicten worden gebruikt en net als BlackRock en Vanguard verschuilt State Street zich achter de passieve aard van hun investeringen, maar hun aanzienlijke aandeelhoudersmacht geeft ze invloed die zelden wordt gebruikt om ethische veranderingen af te dwingen. In de context van NAVO-corruptie profiteert State Street indirect van een gebrek aan transparantie in defensie-aanbestedingen, maar er is geen bewijs van directe betrokkenheid bij corruptie.
In de periode voor de beursgang van Palantir in 2020 werd ook All Blue Capital regelmatig genoemd als investeerder in het bedrijf. Een managing partner van de firma, Matt Novak, gaf in 2020 zelfs commentaar in de media over de groeivooruitzichten van Palantir, met name over de potentie van langere contracten en de unieke positie in data-analyse. All Blue kwam in ernstige problemen terecht door risicovolle andere handelsactiviteiten. Dit leidde tot zeer forse verliezen, onder meer bij grote banken als Nomura en Mizuho, die samen meer dan honderd miljoen dollar schade leden. De verliezen aan de kant van All Blue zelf werden geschat op ongeveer 126 miljoen dollar of meer. Door deze gebeurtenissen raakten twee belangrijke entiteiten van de groep, All Blue Investments North Star 1 Ltd. en All Blue Investment Management Ltd., in grote financiële problemen. Eind 2024 vroegen deze vennootschappen hoofdstuk 15-bescherming aan in de Verenigde Staten, een procedure die bedoeld is om een buitenlands faillissement in de VS te laten erkennen. Tegelijkertijd werd in de British Virgin Islands een liquidatieprocedure gestart en kwamen er onderzoeken naar de handelspraktijken en de ontstane verliezen. Er volgden ook rechtszaken, onder meer tegen voormalige betrokkenen bij de firma.Halverwege 2026 lijkt All Blue Capital als actieve investeringsgroep niet meer operationeel te zijn zoals voorheen. De combinatie van de dramatische handelsverliezen en de daaropvolgende insolventieprocedures heeft de activiteiten vrijwel stilgelegd. De investering in Palantir blijft een van de weinige opvallend positieve hoofdstukken uit het verleden van de firma, maar kon de latere neergang niet voorkomen.
Nu Palantir het zenuwstelsel vormt van zowel de NAVO’s besluitvormingssysteem als de datasystemen van inlichtingendiensten zoals de CIA, GCHQ en MIVD, rijst de vraag: wat gebeurt er als die ene schakel faalt, of wordt uitgeschakeld? Denk aan cyberaanvallen, geopolitieke druk op het bedrijf, of beleidsveranderingen binnen het Amerikaanse Congres.
Ook de overname van Solvinity die cruciale overheidsdiensten levert aan onder meer het ministerie van Justitie en Veiligheid is behoorlijk zorgelijk voor de Nederlandse Overheid. Belangrijke aandeelhouders zijn ook hier Vanguard en BlackRock. Solvinity beheert de complete basisinfrastructuur voor overheidsdiensten zoals DigiD, MijnOverheid en Digipoort (via Logius, agentschap van het ministerie van Binnenlandse Zaken). Het bedrijf levert ook clouddiensten aan het ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV), waaronder beveiligde netwerken. De overname baart de overheid ernstige zorgen vanwege mogelijke impact op data-soevereiniteit en compliance.
De data-toegankelijkheid en afhankelijkheid van Amerikaanse IT is ook voor de gemeente Amsterdam vervelend omdat ze net waren ingestapt en dachten met het “Nederlandse bedrijf” de nationale digitale autonomie te versterken. Kyndryl, afgesplitst van IBM in 2021 met een beurswaarde van zes miljard dollar, publiceerde geen overnamesom en Solvinity weigert te reageren op mogelijke veiligheidsrisico’s voor klanten. Hoewel er geen direct verband is met AIVD, of MIVD veiligheidsdiensten, vallen de bestaande overheidszorgen (bij JenV en Logius) wel onder de paraplu van ‘veiligheidsdiensten’. De CLOUD Act-risico’s maken dit een logische zorguitbreiding voor inlichtingenwerk, waar data-integriteit cruciaal is. De overname versterkt Kyndryl’s aanbod voor ‘sensitive workloads’, maar ondermijnt soevereiniteit. De overname werd op 5 november 2025 aangekondigd en is nog wel onder voorbehoud van goedkeuring door mededingingsautoriteiten (zoals de ACM) en werknemersraadpleging.
Israël is het eindstation van die jarenlange samenwerking met een private onderneming die de meest gevoelige militaire operaties van een staat aanstuurt.
Palantir is al sinds 2014 aanwezig in Israël. Peter Thiel en Alex Karp hebben daar een kantoor in Tel Aviv dat wordt geleid door voormalige Israëlische overheidsfunctionarissen. De focus ligt voornamelijk op samenwerking met de Israëlische veiligheidssector, waaronder het leger (IDF) en inlichtingendiensten. Palantir’s technologieën, zoals de Artificial Intelligence Platform (AIP), Gotham en Foundry, worden ingezet voor data-integratie, surveillance en doelwitbepaling. In oktober 2023, kort na de Hamas-aanval op 7 oktober, kondigde Palantir een “strategische partnerschap” aan met het Israëlische Ministerie van Defensie om technologie te leveren voor “oorlog-gerelateerde missies”.
Dit omvatte de levering van ten minste vier kernproducten:
- AIP (een large language model voor natuurlijke taalopdrachten)
- Gotham (voor inlichtingenanalyse)
- Foundry (voor data-integratie)
- Apollo (voor software-deploy). Het bedrijf meldde “hoge vraag” vanuit Israël voor nieuwe tools sinds het begin van de oorlog in Gaza.
In januari 2024 hield Palantir zijn eerste bestuursvergadering van het jaar in Tel Aviv, gevolgd door een geüpgrade overeenkomst met het Ministerie van Defensie. Executive Vice President Josh Harris bevestigde dat beide partijen hebben afgesproken om Palantir’s technologie in te zetten voor oorlogsmissies. CEO Alex Karp, een uitgesproken voorstander van Israël, reisde kort na een lezing in Tel Aviv naar een militair hoofdkwartier om de deal te ondertekenen.
Palantir werkt al jaren met Israëlische inlichtingendiensten, vaak gevoed door data van de Amerikaanse National Security Agency (NSA), zoals onthuld door klokkenluider Edward Snowden.
De technologie wordt gebruikt voor het analyseren van inlichtingenrapporten om doelwitten te identificeren, inclusief Gaza, waar het AIP-systeem reeksen geclassificeerde data verwerkt voor levens-of-dood-beslissingen. Volgens onderzoeken van The Nation en het American Friends Service Committee (AFSC) faciliteert Palantir AI-gedreven targeting-systemen voor de IDF, wat bijdraagt aan massale burgerdoden in Gaza.
Palantir wordt specifiek gelinkt aan systemen zoals “Lavender” en “Gospel”, databases voor doelwitbepaling die Palestijnse burgers targeten, hoewel Palantir ontkent de ontwikkelaar te zijn en stelt dat deze systemen onafhankelijk en ouder zijn dan hun partnerschap. VN-rapporteur Francesca Albanese, wijst op “redelijke gronden” voor medeplichtigheid aan oorlogsmisdaden door de “onwettige inzet van geweld” met disproportioneel burgerslachtofferschap. Palantir’s tools worden beschreven als “digitale wapens van massavernietiging” die huizen en voertuigen identificeren voor luchtaanvallen.
Lavender en The Gospel (Habsora), vormen de kern van een nieuwe manier van oorlog voeren waarbij algoritmes bepalen wie leeft en wie sterft.
Hoewel Palantir officieel ontkent Lavender zelf te hebben gebouwd, is de technologische overlap met hun AIP en Gotham systemen overduidelijk. Lavender fungeert als een enorme database die bijna de gehele bevolking van Gaza scant om tienduizenden potentiële “targets” te identificeren, vaak met een zeer kleine menselijke controle-tijd van slechts enkele seconden.
De controverse rondom Alex Karp en zijn uitspraken over “AI-oorlogvoering als kans” laat zien hoe ver Palantir verwijderd is geraakt van de oorspronkelijke belofte van technologie als neutraal hulpmiddel. Waar de zussen Maxwell met Chiliad nog claimden dat hun software bedoeld was om “terrorisme te voorkomen” door informatie te delen, wordt de technologie onder Karp nu ingezet voor wat critici zoals Francesca Albanese omschrijven als het industrieel produceren van doelwitten.
Karp heeft publiekelijk zijn steun betuigd: “We staan met Israël” en noemde de oorlog “een kans om talent in AI-oorlogvoering te benutten”. Hij claimt dat Palantir’s systemen discriminatie voorkomen, zoals het bouwen van een “moslim-database”, en dat ze “essentieel onmogelijk” zijn voor oneerlijk targeten. Desondanks leidde zijn pro-Israëlische standpunten tot het vertrek van medewerkers.
Palantir’s rol heeft geleid tot boycots en desinvesteringen In oktober 2024 verkocht de Noorse Storebrand Asset Management (met 109 miljard euroonder beheer) zijn 24 miljoen euro aan Palantir-aandelen uit vrees voor schendingen van internationaal humanitair recht door verkoop aan Israël in bezette Palestijnse gebieden. In de VS eiste San Francisco State University (SFSU) desinvestering van Palantir wegens profiteren van de Gaza-oorlog. Protesten vonden plaats bij Palantir’s Londense kantoor, waar demonstranten het bedrijf beschuldigden van medeplichtigheid aan Israëlische oorlogsmisdaden. Palantir’s Israëlische operaties passen in een bredere strategie van militair-technologische export, vergelijkbaar met hun rol in Oekraïne.
Palantir Technologies is sinds het begin van de Russische invasie in 2022 diepgaand betrokken bij de Oekraïense oorlogsinspanningen. Het bedrijf biedt zijn technologieën gratis aan de Oekraïense regering aan, met een focus op militaire operaties, reconstructie en documentatie van oorlogsmisdaden. Deze samenwerking is begonnen met een bezoek van CEO Alex Karp aan Oekraïne op 1 juni 2022, waar hij president Volodymyr Zelenskyy ontmoette en een partnerschap sloot met het Ministerie van Digitale Transformatie. In mei 2023 werd dit uitgebreid met een formele overeenkomst voor defensie en wederopbouw, en in 2024 en 2025 zijn nieuwe toepassingen toegevoegd, waaronder AI voor ontmijning.
Palantir’s tools, zoals het Artificial Intelligence Platform (AIP), Gotham voor inlichtingenanalyse en Foundry voor data-integratie, worden ingezet om de “kill chain” te verkorten, het proces van detectie tot artillerie-aanval. Palantir’s AI heeft de nauwkeurigheid, snelheid en dodelijkheid van Oekraïense artillerie-aanvallen verhoogd.
CEO Karp bevestigde in februari 2023 tijdens een evenement in Davos dat het bedrijf “verantwoordelijk is voor het merendeel van de targeting in Oekraïne”. De software verwerkt feeds van satellieten, drones, sociale media en open-source inlichtingen om vijandelijke posities te visualiseren en middelen toe te wijzen. Dit heeft Oekraïne geholpen bij real-time dreigingsdetectie, inclusief visuele herkenning van Russische troepenbewegingen.
Naast militaire toepassingen ondersteunt Palantir civiele en juridische inspanningen. In april 2023 sloot het een deal met het Oekraïense Openbaar Ministerie om software te leveren voor het documenteren van Russische oorlogsmisdaden. De technologie bouwt virtuele kaarten op door satellietbeelden te integreren met open-source data, om locaties van Russische eenheden te koppelen aan vermeende misdaden en internationale partners te betrekken. Karp noemde dit een “verdediging van de westerse orde”. In 2023 breidde Palantir zijn rol uit naar de Economieministerie voor ontmijning: de AIP-platform analyseert databases van lokale overheden, mine-action operators en risicofactoren zoals landgebruik en beschietingen om prioriteiten te stellen.
In maart 2024 werd een pilotproject gelanceerd bij de Eerste Internationale Donorenconferentie voor Humanitaire Ontmijning in Zagreb, gericht op het ruimen van 156.000 vierkante kilometer besmet land dat 6 miljoen Oekraïners bedreigt. Dit versnelt de reconstructie door economische, milieu- en sociale factoren mee te wegen.De betrokkenheid past in een bredere trend waarbij Oekraïne fungeert als “AI-oorlogslaboratorium”, zoals beschreven door TIME in februari 2024. Vicepremier Mykhailo Fedorov promoot het land als testgrond voor westerse tech, met honderden miljoenen dollars aan steun van bedrijven als Palantir, Starlink en Clearview AI. Experts zoals Rita Konaev van het Center for Security and Emerging Technology waarschuwen echter voor risico’s: geavanceerde tools kunnen in handen van tegenstanders vallen, en de ethische implicaties van AI in oorlogvoering, zoals autonome beslissingen, roepen vragen op over privacy en escalatie. Karp benadrukt morele noodzaak voor “intieme samenwerking tussen staat en tech”, maar Amnesty International ziet juist parallellen met surveillance in andere contexten, zoals migrantentracking.
Het bedrijf ontkent directe betrokkenheid bij specifieke systemen zoals Lavender en benadrukt dat hun aanwezigheid in Israël ouder is dan 7 oktober. Desondanks blijft de kritiek aanzwellen, met oproepen tot juridische aansprakelijkheid voor medeplichtigheid aan misdaden tegen de menselijkheid.De PROMIS-software was revolutionair omdat het verschillende databases aan elkaar kon koppelen en Maxwell liet er door zijn dochter(s) Christine en Isabel achterdeurtjes in bouwen zodat de Israëlische geheime dienst mee kon kijken. Christine Maxwell ontwikkelde de software verder met haar eigen bedrijf Chiliad. Na de aanslagen van 11 september werd haar software essentieel voor de FBI omdat het de versnipperde informatie van verschillende overheidsdiensten eindelijk doorzoekbaar maakte. Epstein zag er brood in en legde contact met Peter Thiel en zijn bedrijf Palantir, dat een bijna identieke functie vervulde maar dan op een nog grotere en commerciële schaal. Epstein was werd een belangrijke financier van Thiel door tientallen miljoenen dollars in diens investeringsfondsen te steken. Epstein bracht Peter Thiel ook in contact met de voormalige Israëlische premier Ehud Barak en probeerde om Barak een rol te geven binnen Palantir, waarmee de cirkel tussen de oude Maxwell-technologie en de nieuwe tech-elite van Silicon Valley werd gesloten. Isabel Maxwell speelde in deze wereld de rol van de diplomatieke netwerker; als Technology Pioneer bij het World Economic Forum verbond zij de Israëlische tech-sector met de machtigste spelers in de Verenigde Staten.
Tegenwoordig opereren de zussen meer op de achtergrond, maar ze zijn nog altijd diep geworteld in de sectoren waar macht en informatie samenkomen. Christine houdt zich bezig met de ethiek en het beheer van het internet, terwijl Isabel haar invloedrijke netwerk in de Frans-Amerikaanse en Israëlische tech-wereld onderhoudt. Hoewel hun zus Ghislaine in de gevangenis zit, gaat het technologische en financiële web dat hun vader en Epstein hielpen spinnen nog altijd door, waarbij de software van Palantir nog steeds de sporen draagt van de systemen die de familie decennia geleden al in handen had. Strategisch belangrijk voor FBI, DHS en inlichtingendiensten.
Gunderson Dettmer was betrokken bij Palantir’s vroege oprichting, founder stock issuances, venture capital rondes en algemene corporate zaken. Dettmer was legal advisor in meerdere transacties rond Palantir, inclusief stock transfer agreements en andere documenten uit de pre-IPO-periode (bijvoorbeeld in SEC-filings en secondary deals). Een partner van Gunderson Dettmer wordt expliciet genoemd in Palantir’s governance-structuren, zoals Chris Hoofnagle (of counsel bij Gunderson Dettmer), die lid is van Palantir’s Council of Advisors on Privacy and Civil Liberties (PCAP) sinds 2012. Daarnaast werkte Palantir samen met Gunderson Dettmer in bredere contexten, zoals het gebruik van tech-tools (bijv. DraftWise, opgericht door ex-Palantir engineers, waarmee Gunderson Dettmer een commercial agreement sloot in 2021 en verder uitbouwde). Gunderson Dettmer was als legal advisor en naast Eaton Square als financial advisor.
De opgestapte Oostenrijkse bondskanselier Sebastian Kurz zit nu bij Thiel Capital. Kurz werky daar als strateeg. De 35-jarige Kurz nam in oktober ontslag als kanselier, nadat hij onder vuur was komen liggen vanwege een corruptieschandaal. Hij wordt ervan verdacht in 2016 overheidsgeld gebruikt te hebben voor het manipuleren van peilingen in zijn voordeel. Begin december 2025 stapte hij op om voor Peter Thiel te gaan werken.
Europa, maar ook Nederland krijgt te maken met een nieuwe Internationale inlichtingen- en veiligheidsdienst. De samenwerking van Palantir (VS/Peter Thiel), xAI (Elon Musk), de Mossad (Israël) en The Board of Peace van Trump vormt een ongekende concentratie van inlichtingendienst met een ongekende informatie- en technologiekracht.
Palantir levert de “hersenen” (AIP), xAI de “taal en redenering” (Grok), de Israëlische diensten de data en intelligence, met Trump en zijn “Board of Peace” de Internationale macht. De Board of Peace, waarvan Donald Trump de voorzitter is opereert buiten de traditionele kaders van de VN of de EU. The Board of Peace is weliswaar door de VN-resolutie 2803 in november 2025 aangenomen ten behoeve van de wederopbouw van Gaza, maar de BOP vaart zonder Europa inmiddels haar eigen handvest en maakt Trump “voorzitter voor het leven.
Nu de Europese en ook de Nederlandse inlichtingendiensten samenwerken met een organisatie waar de broncodes en algoritmen in handen zijn van voorzitter Trump via zijn bevriende commerciële en omstreden partijen komt de soevereiniteit ernstig in het geding en worden Europese alternatieven door deze alliantie effectief in de kiem gesmoord. Het gaat hier dus niet meer over een leverancier-klant relatie, maar over een algoritmische staatsgreep. Wanneer de infrastructuur van de rechtsstaat (politie, inlichtingendiensten) draait op code die eigendom is van een buitenlandse mogendheid met een “voorzitter voor het leven”, is de democratie feitelijk een front-end voor een privaat, buitenlands back-end.
De diepe verankering van Palantir in de Mossad (via samenwerkingen met de Israëlische Defensiemacht) roept vragen op over de transparantie, de integriteit en de beheersbaarheid van Nederlandse staatsgeheimen. Palantir maakt inmiddels een groot deel uit van backbone van de Nederlandse, maar ook van de Europese inlichtingendiensten.
Als xAI-agents worden losgelaten op Europese, maar ook Nederlandse datasets binnen de Palantir-omgeving, wie garandeert dan dat de leerprocessen van deze AI niet indirect ten goede komen aan de strategische belangen van de de Verenigde Staten. De verwevenheid tussen commerciële AI en buitenlandse diensten maakt de weg vrij voor “structurele spionage onder het mom van onderhoud en updates.” Het gebruik van deze systemen is bovendien fundamenteel in strijd is met de Nederlandse Grondwet of het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, omdat de controle op de machtsuitoefening (het toezicht) feitelijk onmogelijk wordt gemaakt door de technologie.
Het gebruik van Palantir door de Mossad voor omstreden operaties (zoals predictive policing in bezette gebieden en de ontwikkeling van “New Gaza”) maakt de VS oppermachtig.
De Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD) krijgt een onmogelijke taak om toezicht te houden op algoritmen die door drie verschillende buitenlandse entiteiten zijn vormgegeven en continu autonoom muteren.
Doordat de Mossad als “super-user” en co-ontwikkelaar van Palantir functioneerd, wordt Europa en ook Nederland technologisch gegijzeld. Als Nederland besluit een kritische koers te varen ten opzichte van Israël of de VS, kan de toegang tot de essentiële infrastructuur van de eigen veiligheidsdiensten (de “kill switch”) in theorie door externe partijen worden beheerst.
De integratie met xAI is de laatste stap om een wereldwijd, ondoordringbaar inlichtingenmonopolie te creëren. Wanneer je de nauwe banden tussen Palantir en de Mossad (en de bredere Israëlische defensiesector) meeweegt, krijgt de integratie van xAI een nog kritiekere dimensie voor de Nederlandse veiligheidsdiensten. Het creëert een uniek geopolitiek krachtenveld met Europa en Nederland, met de AIVD en zelfs Europol als louter afnemers van een gesloten technologisch ecosysteem waarvan de broncodes en prioriteiten in Washington en Tel Aviv liggen.
De integratie van de combinatie Palantir, xAI, de Mossad en de VS creëren een geopolitiek krachtenveld waarbij Europa en Nederland louter afnemer worddenm van een gesloten technologisch ecosysteem. Dit brengt grote risico’s met zich mee, omdat het toezicht op dergelijke systemen juridisch onhoudbaar is, onder meer vanwege het gebrek aan inzicht in de broncodes en de mogelijkheid tot misbruik. Het gebruik van Palantir door Europa maakt de Eu en de Nederlandse overheid politiek chantabel.
Europa en Nederland zitten in de kwetsbare positie dat het voor de nationale veiligheid afhankelijk is van software die is ontworpen om de belangen van een andere mogendheid als eerste te dienen. Deze afhankelijkheid maakt democratische verantwoording onmogelijk. Immers, als de minister niet kan uitleggen hoe een besluit door AI is genomen (omdat de broncode geheim is voor de BoP), kan de Tweede Kamer haar controlerende taak niet uitvoeren. Dick Schoof heeft, heel naief, in zijn functie van Directeur-Generaal van de AIVD destijds overduidelijk het paard van Troje binnengehaald.
De Epstein connectie
Epstein investeerde 40 miljoen dollar (in 2015–2016) in de fondsen van Valar Ventures (een VC-fonds mede-opgericht door Thiel). Dit is een van Epstein’s grootste tech-investeringen. De relatie leverde Epstein later aanzienlijke rendementen op. Thiel adviseerde Epstein over investeringen (o.a. tegen Palantir zelf, omdat de prijs “below market” was, en tegen Spotify).
Epstein arrangeerde ook minstens enkele meetings (waaronder een “important lunch” in oktober 2016) tussen Peter Thiel, Russische VN-ambassadeur Vitaly Churkin (dicht bij Poetin), en anderen, vaak met Trump-bondgenoten zoals Tom Barrack.
Epstein mailde en ontmoette Russische diplomaten zoals Churkin en minister Sergey Lavrov (hij pitchte Lavrov als iemand die “insight” kon krijgen door met hem te spreken). In 2018 probeerde Epstein zelfs een ontmoeting met Vladimir Poetin te regelen. Barak onderhield contact met Thiel tot minstens 2017 en bezocht hem in zijn Manhattan-pand.Carbyne, Palantir en de shift naar digitale surveillance
Epstein stak, samen met Ehud Barak 1 tot 1.5 miljoen dollar in Carbyne (voorheen Reporty). Thiel’s Founders Fund investeerde later in Carbyne (Series B, 2018). Carbyne gebruikt AI voor real-time surveillance in noodcentrales (911-systemen): live video, locatie-tracking en data-integratie, een digitale upgrade van Epstein’s handmatige honeytraps naar geautomatiseerde, AI-gedreven profielopbouw en data-verzameling. Epstein adviseerde Barak om Palantir te bekijken in een 2013-audio-opname. Epstein’s netwerk en geld (via Thiel-fondsen) ondersteunde indirect tech-groei in deze sector.
Thiel doneerde 15 miljoen dollar aan JD Vance (Trump’s VP in 2024/2025), wat complottheorieën voedt over een “surveillance-ecosysteem” (Palantir + Carbyne) dat Epstein’s tactieken moderniseert naar AI-profielen en data-blackmail.Mossad/CIA-links en chantage-speculatie.
Epstein’s operatie (met Ghislaine Maxwell) wordt in sommige FBI-memo’s en analyses gelinkt aan mogelijke Mossad- of CIA-achtige kompromat-netwerken voor invloed op elites. Gelekte emails suggereren dat Epstein “girls” noemde of aanbood in contexten met figuren als ex-CIA-directeur William Burns (meerdere geplande ontmoetingen in 2014) en Qatarese officials — maar deze zijn vaak ambigu, uit context gehaald of unsubstantiated.
De banden tussen Epstein, de Maxwell-familie (via Christine’s Chiliad-werk), Thiel, Barak, Carbyne en Russische figuren illustreren hoe Epstein zich na 2008 ingroef in tech-, inlichtingen- en geopolitieke netwerken. Palantir (Thiel’s data-analysebedrijf, gebruikt door CIA/NSA/IDF) en Carbyne belichamen de transitie naar AI-surveillance.
Deze connecties illustreren hoe Carbyne een knooppunt is in een web van tech, inlichtingen en elite-financiering, met ethische grijstinten rond surveillance en privacy.
Hedgefund Thiel Macro LLC zat voor 40 procent van zijn aandelenbeleggingen in Nvidia en heeft die positie geheel verkocht. Ook verkocht Peter Thiel een kwart van de aandelen Tesla, maar dat aandeel is met 65.000 aandelen nog wel de grootste deelneming van het fonds.
Peter Thiel heeft via Founders Fund een significante positie in Anduril Industries, het in 2017 opgerichte Amerikaanse defensietechnologiebedrijf dat autonome systemen en kunstmatige-intelligentieplatforms ontwikkelt voor militaire toepassingen. Founders Fund heeft in de laatste financieringsronde van Anduril een investering van ongeveer een miljard dollar gedaan, wat het grootste bedrag is dat het fonds ooit in één onderneming heeft gestoken. Deze langdurige betrokkenheid sinds de oprichting maakt Thiel tot een van de belangrijkste investeerders achter het bedrijf. Naast kapitaal brengt Thiel via Founders Fund strategische invloed. Een van de medeoprichters van Anduril is Trae Stephens, partner bij Founders Fund, waardoor er nauwe banden bestaan tussen het investeringsfonds en de directie van het bedrijf. Deze verbindingen zijn van invloed op de strategische koers, productontwikkeling en de focus op defensiemarkten. Anduril onderscheidt zich door systemen te ontwikkelen die snel kunnen worden ingezet, zoals autonome drones, sensornetwerken en AI-platforms die gegevens van meerdere bronnen combineren voor besluitvorming in militaire operaties.
Anduril Industries is in korte tijd uitgegroeid tot een van de meest invloedrijke bedrijven in de defensietechnologiesector. Anduril werd in 2017 opgericht door Palmer Luckey en een groep ondernemers die eerder bij Palantir werkten. De onderneming onderscheidt zich door een techno benadering van oorlogsvoering waarbij software centraal staat en waarbij systemen zijn ontworpen om zonder directe menselijke besturing te opereren.
Het bedrijf verwierf bekendheid met Lattice, een AI-platform dat gegevens van camera’s, radar, drones en andere sensoren combineert tot één operationeel beeld. Lattice kan objecten herkennen, dreigingen classificeren en beslisondersteuning bieden aan militairen. Anduril ontwikkelt daarnaast autonome drones voor verkenning en aanval, onderwaterdrones voor maritieme operaties en vaste sensoropstellingen voor grensbeveiliging.
Anduril behoort tot de snelst groeiende bedrijven in de defensiesector. Het haalde meerdere miljardenrondes op en bereikte daarmee een status die normaal is voor technologie-bedrijven, niet voor jonge defensiecontractoren. Investeerders zien in Anduril een moderne tegenhanger van klassieke wapenfabrikanten, met een focus op software en kunstmatige intelligentie in plaats van zware industriële productie.
Het bedrijf versnelt de ontwikkeling van autonome wapens, een technologie waarover internationaal nog geen bindende regelgeving bestaat. De mogelijkheid dat algoritmen beslissingen nemen die dodelijke gevolgen kunnen hebben, roept ethische en juridische vragen op. Anduril betoogt dat technologische voorsprong essentieel is in een wereld waarin rivaliserende mogendheden vergelijkbare systemen ontwikkelen.
Hoewel Anduril zijn grootste contracten binnen Israël en de Verenigde Staten sluit, richt het zich ook steeds nadrukkelijker op Europa. Het bedrijf zoekt samenwerking met bestaande defensieconcerns om toegang te krijgen tot Europese markten, waar regelgeving en aanbestedingsprocedures strenger zijn. Deze uitbreiding onderstreept de ambitie om een wereldwijde speler te worden in een sector die steeds meer draait om data, algoritmen en autonome besluitvorming.
In 2025 kreeg Thiel kritiek vanuit het Congres omdat het op basis van data over coronabesmettingen de Amerikaanse immigratiedienst zou hebben geholpen om migranten zonder papieren te traceren en op te pakken.
Overzicht van de Integratie
Palantir Technologies, bekend om zijn expertise in data-analyse, is een samenwerking aangegaan met xAI, het AI-bedrijf van Elon Musk, om de Grok large language models van xAI te integreren in zijn Artificial Intelligence Platform (AIP). Ook TWG Global is betrokken bij deze samenwerking. De samenwerking werd voor het eerst aangekondigd in februari 2025 en verder uitgewerkt in mei 2025. Het doel is om AI-oplossingen voor bedrijven te verbeteren door gebruik te maken van Grok’s geavanceerde mogelijkheden op het gebied van complexe redenering, ethische besluitvorming en codering.
Risico’s zitten in verhoogde aanvalsvectoren via AI-integratiepunten, grotere afhankelijkheid van commerciële actoren met private belangen, ondoorzichtigheid van modelbesluiten in kritieke infrastructuren, escalatie van asymmetrische dreigingen door potentiële model-exfiltratie of poisoning. Mogelijke compromittering van interoperabiliteit tussen NAVO- en EU-partners als gevolg van differentiële modeltoegang of technologische lock-in. xAI’s rol introduceert additionele risico’s vanwege onbekende controleketens, relatief jonge ontwikkelomgeving, en beperkte auditbaarheid van Grok’s modelarchitectuur.
China heeft een lange geschiedenis van geavanceerde cyberaanvallen, vooral op westerse technologiebedrijven en kritieke infrastructuur. China heeft een trackrecord in Supply Chain aanvallen en wordt gelinkt aan grootschalige operaties zoals Salt Typhoon (2024), waarbij telecombedrijven in de VS werden gehackt om data te stelen. De recente aanval op Collins Aerospace, een belangrijke leverancier van luchthavensystemen, past bij China’s focus op supply chain-disruptie om economische en strategische schade toe te brengen. China heeft belang bij het verzwakken van westerse defensiebedrijven zoals RTX, vooral omdat Collins samenwerkt met Palantir, dat Chinese surveillance en AI-systemen (bijv. via Project Maven) tegenwerkt. Een verkenningsaanval via Collins’ MUSE-systeem zou een poging kunnen zijn om zwakke plekken in Palantir-integraties te vinden. China’s MSS (Ministerie van Staatsveiligheid) richt zich op luchtvaart-IT, zoals gezien in aanvallen op SITA (2021) en Amadeus (2020). De 600% toename in luchtvaart-cyberaanvallen in 2025 wijst op Chinese betrokkenheid.
De samenwerking van Palantir met Grok en TWG Global richten zich op het implementeren van AI-gestuurde oplossingen, om processen zoals risicomodellen en naleving (compliance) te stroomlijnen. Alhoewel deze integratie de concurrentiepositie van Palantir op de AI-markt zal versterken, brengt het ook risico’s met zich mee voor de gebruikers.
Geografische en Technische Details
Onderzoek toont aan dat Grok-modellen, waaronder Grok-3, Grok-3-mini, Grok-2 en Grok-2-vision, beschikbaar zijn binnen AIP, specifiek voor gebruikers in de VS. Er gelden wel voorwaarden zoals juridische goedkeuring en regionale compatibiliteit. Dankzij deze technische integratie kunnen bedrijven Grok gebruiken voor uiteenlopende AI-taken, wat mogelijk een revolutie betekent in de manier waarop data in de financiële sector wordt verwerkt. Hoewel de integratie veelbelovend is, worden er uitdagingen op het gebied van privacy, ethiek en milieu-impact opgemerkt, met name bij het gebruik van grote taalmodellen en supercomputers zoals Colossus. De focus van het partnerschap op financiële diensten suggereert een gerichte aanpak. De integratie, gericht op in de VS gevestigde inschrijvingen, beoogt de adoptie van AI te revolutioneren door het automatiseren van data-extractie en het verwerken van grote datasets, met een sterke marktontvangst weerspiegeld in Palantir’s financiële prestaties.
NAVO kiest Palantir
De NAVO heeft in alle stilte een strategisch cruciaal besluit genomen: Palantir’s AI-technologie wordt de kern van haar nieuwe digitale oorlogsvoering.
Eind maart 2025 sloot de NAVO een contract af voor het zogeheten Maven Smart System NATO (MSS NATO), een AI-gestuurd platform voor operationele besluitvorming, geavanceerde inlichtingenfusie en realtime situatiebewustzijn op het slagveld. Het systeem is binnen 30 dagen na contractondertekening operationeel gemaakt bij SHAPE (Supreme Headquarters Allied Powers Europe), wat deze deal de snelste implementatie ooit maakt van AI binnen de NAVO-structuur.
MSS NATO integreert Palantir’s bekende capaciteiten zoals:
- het combineren van uiteenlopende datastromen (sensoren, satellieten, HUMINT),
- ondersteuning van command and control-besluitvorming via explainable AI,
- automatische waarschuwingen en scenario-analyse in dynamische conflictsituaties.
Bovendien bevat het systeem generatieve AI en LLM-technologie voor analyse, rapportage en operationele planning en dat in een beveiligde militaire context.
De keuze voor Palantir is geen toeval. Eerder al werkte het bedrijf nauw samen met Amerikaanse defensiepartners binnen het oorspronkelijke Project Maven van het Pentagon. De NAVO-versie is aangepast voor multinationaal gebruik, inclusief de mogelijkheid om in realtime te schakelen tussen geclassificeerde en gedeelde gegevenslagen tussen bondgenoten.
Volgens insiders bevat MSS NATO “multi-domain integration capabilities”, oftewel de mogelijkheid om data uit land-, lucht-, zee-, cyber- en ruimteoperaties samen te brengen.
In een tijd van hybride oorlog, strategische sabotage en AI-gestuurde desinformatiecampagnes, wil de NAVO sneller, slimmer en autonomer reageren. MSS NATO biedt die snelheid, mits gecombineerd met menselijke controle. Tegelijk versterkt dit project de rol van commerciële technologie binnen NAVO-verdedigingsstrategieën. Palantir is daarmee geen toeleverancier, maar een integrale strategische partner. De MSS NATO-deal staat niet op zichzelf. Parallel daaraan bouwt de NAVO aan een breder AI-ecosysteem:
Task Force X test autonome vaartuigen en drones in de Baltische Zee, AI gestuurd, zonder menselijke piloten, gericht op onderzeebewaking en sabotagepreventie.
Via de innovatieversneller DIANA en het strategische experiment NOICE, worden startups en universiteiten in Europa en Noord-Amerika gestimuleerd AI-oplossingen te ontwikkelen voor defensie- en civiele toepassingen.
In Riga is een nieuw AI-lab gestart onder de Strategic Communications Centre of Excellence (STRATCOM COE), gericht op het bestrijden van AI-aangedreven desinformatie.
Voor Palantir betekent deze samenwerking niet alleen prestige, maar ook validatie. Haar technologie wordt nu erkend als kernonderdeel van het toekomstige NAVO-wapenarsenaal. Palantir beweegt zich dieper het militaire domein in. In een wereld waar defensie steeds digitaler, autonomer en sneller wordt, is deze NAVO-deal mogelijk het begin van AI-enabled coalitieoorlogsvoering, met Palantir aan het digitale front.
De samenwerking tussen Palantir en xAI brengt echter duidelijke strategische en ethische risico’s met zich mee. Het is niet onwaarschijnlijk dat deze integratie tot spanningen of zelfs beperkingen leidt binnen hun defensiegerelateerde dienstverlening, of dat Palantir verplicht wordt Grok buiten te houden in bepaalde omgevingen.
De samenwerking roept drie belangrijke aandachtspunten op:
- Data privacy: Grok, als geavanceerd AI-model, kan grote hoeveelheden data verwerken en analyseren. Dit vergroot het risico op privacykwesties en datalekken, wat een grote zorg is voor klanten zoals de NAVO en CIA. Deze instanties hanteren strikte normen voor databescherming, en elke schending kan ernstige gevolgen hebben, zowel juridisch als operationeel.
- Ethische overwegingen: Het gebruik van AI-modellen zoals Grok kan leiden tot ethische dilemma’s, bijvoorbeeld bias in besluitvorming of het inzetten van AI voor surveillance-doeleinden. Voor organisaties die betrokken zijn bij nationale veiligheid en mensenrechten is dit bijzonder gevoelig. Het vertrouwen van deze klanten kan worden ondermijnd als de AI niet voldoet aan ethische standaarden.
- Strategische implicaties: Als de integratie van Grok niet voldoet aan de hoge verwachtingen van betrouwbaarheid en veiligheid, kunnen er strategische spanningen ontstaan. Fouten of operationele complexiteit als gevolg van de integratie kunnen leiden tot verlies van vertrouwen en zelfs contracten bij deze veeleisende klanten.
President Donald Trump heeft een dramatische stap gezet die de relatie tussen het AI-bedrijf Anthropic en de Amerikaanse Overheid op scherp heeft gezet. Het conflict, dat draait om ethische grenzen aan AI-toepassingen. Trump gaf via zijn sociale-mediaplatform Truth Social de Amerikaanse overheid opdracht om alle banden met Anthropic te verbreken, met een overgangsperiode van zes maanden voor het ministerie van Defensie en andere instanties om het gebruik van Anthropics diensten af te bouwen.
Trump waarschuwde dat als het bedrijf niet meewerkt, hij “de volledige macht van het presidentschap” zal inzetten om naleving af te dwingen, inclusief mogelijke civiele en strafrechtelijke sancties. Minister van Defensie Pete Hegseth, voegde daaraan toe dat Anthropic zal worden aangemerkt als een risico voor de toeleveringsketen. “Met onmiddellijke ingang mag geen enkele aannemer, leverancier of partner die zaken doet met het Amerikaanse leger nog commerciële activiteiten met Anthropic ontplooien,” verklaarde Hegseth. Hij besefte niet dat zonder Anthropic er geen Maven is.
Dit betekent een directe boycot voor iedereen die met het Pentagon samenwerkt, wat de operationele reikwijdte van Anthropic in de VS ernstig beperkt. Trump’s felle taalgebruik onderstreepte zijn frustratie: “De linkse gekken bij Anthropic hebben een rampzalige fout gemaakt door te proberen het ministerie van Oorlog onder druk te zetten en het te dwingen hun gebruiksvoorwaarden te volgen in plaats van onze Grondwet,” schreef hij.
Vorig jaar nog tekende Anthropic een lucratief contract van 200 miljoen dollar met het Pentagon, wat de plotselinge breuk des te opvallender maakt. Het ministerie had Anthropic een ultimatum tot eind februari gegeven om een compromis te bereiken, maar het bedrijf zegt niets direct van het Witte Huis te hebben gehoord.
Anthropic is naar de rechter gestapt: “Geen enkele vorm van intimidatie of straf van het ministerie van Oorlog zal ons standpunt over massale binnenlandse surveillance of volledig autonome wapens veranderen,” luidt hun verklaring. Dit incident weerspiegelt bredere debatten in de AI-sector over ethische richtlijnen. Bedrijven als Anthropic positioneren zichzelf als voorvechters van “verantwoorde AI”, terwijl overheden, vooral in defensiecontexten, prioriteit geven aan strategische voordelen. Terwijl Anthropic vecht voor zijn principes, grijpt concurrent OpenAI de kans met beide handen aan. CEO Sam Altman kondigde vannacht op X (voorheen Twitter) aan dat zijn bedrijf gaat samenwerken met het ministerie van Defensie. OpenAI’s AI-modellen zullen worden geïntegreerd in vertrouwelijke netwerken van het Pentagon.
OpenAI blijkt dus wel bereid om principes op te geven en flexibeler te zijn ten opzichte van militaire toepassingen. Altman’s aankondiging komt op een cruciaal moment en zou de dynamiek in de AI-industrie kunnen veranderen. Dit conflict kan leiden tot een polarisatie binnen de techwereld. Bedrijven moeten nu kiezen tussen ethische standpunten en lucratieve overheidscontracten. Anthropic’s juridische strijd zou een precedent kunnen scheppen voor hoe AI-bedrijven overheidsdruk weerstaan. Als Anthropic verliest, zou dit anderen kunnen ontmoedigen om strenge gebruiksvoorwaarden op te stellen, wat innovatie in verantwoorde AI remt.
Trump en Hegseth argumenteren dat Anthropic’s weigering de VS kwetsbaar maakt. Zonder toegang tot geavanceerde AI voor surveillance en wapens, zou Amerika achter kunnen raken op rivalen zoals China. Het boycotten van Anthropic treft niet alleen het bedrijf zelf, maar ook partners en leveranciers. Met een marktwaarde in de miljarden, zou een gedwongen afbouw leiden tot banenverlies en investeerdersvlucht. OpenAI’s samenwerking kan daarentegen een boost geven aan hun aandelen en de bredere economie, maar het creëert een monopolie-achtig scenario waar defensie afhankelijk wordt van een handvol spelers.
Dit conflict markeert een belangrijkkeerpunt in de AI-revolutie. Terwijl Trump prioriteit geeft aan “America First” in defensie, benadrukt Anthropic de noodzaak van ethische grenzen. De uitkomst zal niet alleen de toekomst van AI in de VS bepalen, maar ook hoe technologie en macht zich verhouden in een steeds digitalere wereld. Met een rechtszaak in het verschiet en concurrenten die posities innemen, blijft de spanning hoog, maar naar verwachting zal het kapitaal de zaak winnen en Robin Hood Anthopic het onderspit delven.
De rol van Palantir Technologies wordt steeds dieper geïntegreerd in de infrastructuur van het Amerikaanse leger. Het US Department of Defense heeft nu ook besloten om Maven op te nemen als een zogenoemd “program of record”. Dit is een belangrijke beleidsstatus die betekent dat het systeem niet langer een experimenteel project is, maar een structureel onderdeel wordt van militaire operaties, met vaste financiering en langdurige inzet.
Project Maven is ontworpen om enorme hoeveelheden data afkomstig van drones, satellieten en andere sensoren te analyseren. Het systeem gebruikt kunstmatige intelligentie om patronen te herkennen, objecten te identificeren en potentiële doelwitten te detecteren. In de praktijk betekent dit dat militairen sneller en efficiënter inzicht krijgen in wat er op het slagveld gebeurt.
Hoewel de technologie geavanceerd is, benadrukken zowel het Pentagon als Palantir dat de uiteindelijke beslissingen nog steeds door mensen worden genomen. Het systeem automatiseert analyse en aanbevelingen, maar voert zelf geen aanvallen uit. Toch roept deze ontwikkeling vragen op over de snelheid waarmee beslissingen in conflictsituaties worden genomen en de mate waarin menselijke controle onder druk komt te staan naarmate AI-systemen centraler worden in militaire processen.
De opname van Maven als kernsysteem onderstreept een bredere verschuiving binnen defensie. Waar militaire macht traditioneel werd bepaald door fysieke middelen zoals tanks en vliegtuigen, verschuift de focus steeds meer naar data, software en algoritmische besluitvorming. In dat kader positioneert Palantir zich als een centrale speler in de digitalisering van oorlogvoering, waarbij snelheid van informatieverwerking en precisie in analyse doorslaggevend worden.
De ontwikkeling laat zien dat kunstmatige intelligentie niet langer een ondersteunende technologie is, maar een integraal onderdeel van strategische en operationele militaire capaciteit. Tegelijkertijd maakt de berichtgeving duidelijk dat deze vooruitgang gepaard gaat met nieuwe risico’s en ethische vraagstukken, vooral rond transparantie, controle en afhankelijkheid van complexe technologische ecosystemen.
Claude is sinds eind 2024 / begin 2025 geïntegreerd in Palantir’s Maven Smart System (het echte werkpaard van Maven). Het systeem analyseert precies die bergen data van drones, satellieten, radar etc.: objecten herkennen, patronen spotten, beweging tracken en potentiële doelwitten prioriteren. Jack Shanahan (de “vader” van Maven) noemde Anthropic begin februari 2026 nog expliciet een partner van het project.
Anthropic wil echter geen medewerking verlenen aan toepassingen zoals massa-surveillance of autonome wapensystemen. Dit botst met de ambities van het Pentagon onder Hegseth, dat onbeperkte toegang wil tot AI-technologieën, wat door het Pentagon wordt aangemerkt als een potentiële kwetsbaarheid in de toeleveringsketen. Deze zogeheten “supply chain risk” kan ertoe leiden dat Palantir zijn architectuur moet aanpassen. Claude van Anthrop zit er zó diep in (prompts, workflows, hele “cognitive engine” gebouwd rond Claude-code via Palantir) dat een volledige rewrite minimaal een jaar of langer kost. Claude wordt nog volop gebruikt om nieuwe workflows te bouwen, want anders ligt alles plat.” Een CIO van een federaal agentschap zei letterlijk: “We slepen het tot de deadline en wedden dat er voor die tijd een deal komt.” Militaire gebruikers zijn op z’n zachtst gezegd not amused (Claude was cruciaal bij Iran-targeting: 1000+ targets in 24u, coördinaten, ranking). Palantir zit in de problemen (hun miljarden kostende Maven-contracten lopen gevaar). Big Tech (Microsoft, Google, Amazon + 37 AI-onderzoekers) lobbyt keihard via amicus-brieven en achter de schermen. Anthropic bood zelf aan om te helpen met transitie “zolang als nodig”. Maar die tijd heeft de VS niet. De regering blijft keihard in hun rechtszaken tegen Anthropic. 24 maart is er een hoorzitting over de tijdelijke blokkade die Anthropic wil. Veel juristen en insiders verwachten dat de rechter dan een soort pauze oplegt of dat partijen stiekem tot een compromis komen (bijv. Claude mag beperkt blijven met extra audits, of een “national security waiver” voor Maven alleen). De operatieve pijn is te groot om nog 6 maanden te wachten zonder gezichtsverlies voor iedereen.
Mogelijke spanningen ondanks maatregelen
Ondanks deze inspanningen is het niet onwaarschijnlijk dat de integratie spanningen veroorzaakt. Zelfs kleine fouten of misstappen kunnen leiden ernstige problemen. Bovendien kan de toevoeging van een extern AI-model zoals Grok operationele uitdagingen met zich meebrengen, zoals integratieproblemen of onvoorziene technische complicaties, wat de dienstverlening verder onder druk kan zetten. De samenwerking tussen Palantir en xAI biedt kansen, maar brengt duidelijke strategische en ethische risico’s met zich mee, zeker gezien de gevoeligheid van klanten zoals de NAVO, CIA en EU-veiligheidsdiensten. Hoewel Palantir waarschijnlijk mitigerende maatregelen zal nemen, zoals verbeterde beveiliging en ethische richtlijnen, blijft de kans op spanningen binnen hun dienstverlening reëel. De hoge eisen van hun klanten en de complexiteit van AI-integratie maken dit een zeer delicate balans.
Palantir en Veiligheidsdiensten
Palantir’s Gotham-platform is specifiek ontworpen voor inlichtingen- en veiligheidsdiensten. Het integreert en analyseert enorme hoeveelheden data uit verschillende bronnen, zoals databases van burgers, verkeersgegevens, beveiligingscamera’s en zelfs sociale media, om patronen te herkennen en voorspellende analyses te maken. Dit maakt het een krachtig instrument voor contraterrorisme, fraudebestrijding en grensbewaking. In de VS wordt Gotham gebruikt door instanties zoals de CIA, FBI, NSA, het ministerie van Defensie en de Immigration and Customs Enforcement (ICE). Tijdens de coronacrisis in 2020 werd Palantir ingezet door het Department of Health and Human Services (HHS) om coronadata te verwerken, een controversiële stap omdat het de transparantie over deze data verminderde. Dit gebeurde onder Trump’s eerste termijn, waarbij de Centers for Disease Control and Prevention (CDC) werd gepasseerd, wat vragen opriep over politisering van de pandemiebestrijding. Palantir’s software werd ook gebruikt door ICE voor het opsporen van ongedocumenteerde immigranten, wat leidde tot kritiek van mensenrechtenorganisaties zoals Amnesty International vanwege schendingen van mensenrechten, zoals de scheiding van kinderen van hun ouders aan de grens.
In 2025, onder Trump’s tweede termijn, heeft Palantir een centrale rol gekregen in de datastrategie van de Amerikaanse overheid. Een contract van $795 miljoen en een deal van $113 miljoen met het ministerie van Defensie benoemen Palantir als primaire datapartner, met een focus op gegevensintegratie van alle overheidsdiensten. Dit volgt op een bericht van The New York Times (5 juni 2025), dat stelt dat Trump Palantir inzet om muren tussen overheidsinstanties te slechten en een centrale data-analyse mogelijk te maken. Dit beleid sluit aan bij Trump’s “America First”-agenda, waarbij technologie wordt gebruikt om nationale veiligheid en immigratiecontrole te versterken.
Trump’s beleid, met name op het gebied van immigratie, nationale veiligheid en defensie, leunt sterk op technologie om snelle en grootschalige resultaten te behalen. Zijn acties, zoals de invoering van een inreisverbod voor bepaalde landen, massadeportaties en de uitbreiding van de grensmuur, worden ondersteund door data-analyse. Palantir’s Gotham-platform stelt veiligheidsdiensten in staat om gedetailleerde profielen van individuen te maken, wat bijvoorbeeld wordt gebruikt om illegale immigranten op te sporen of potentiële veiligheidsdreigingen te identificeren.
Een concreet voorbeeld is het gebruik van Palantir door ICE onder Trump’s eerste termijn. De software koppelde data van burgers aan verkeersgegevens en beveiligingscamera’s, wat razzia’s op ongedocumenteerde immigranten mogelijk maakte. Dit leidde tot controverses, zoals de opsluiting van kinderen in kooien, wat Amnesty International bestempelde als mensenrechtenschendingen. In zijn tweede termijn heeft Trump aangekondigd massadeportaties te starten, waarbij het leger mogelijk wordt ingezet. Palantir’s technologie wordt gezien als cruciaal voor het identificeren en lokaliseren van doelgroepen voor deze operaties.
Oprichter Peter Thiel, een prominente Trump-supporter en financier van zijn 2016-campagne, is ook mentor van vicepresident J.D. Vance. Deze connectie versterkt de indruk dat Palantir een sleutelrol speelt in Trump’s strategieën. Palantir-topman Alex Karp heeft openlijk verklaard dat de software bedoeld is om “tegenstanders bang te maken”, wat aansluit bij Trump’s harde retoriek op veiligheid en immigratie.
Palantir biedt veiligheidsdiensten de middelen om data te analyseren en operationele beslissingen te ondersteunen en wordt door Trump en Vance gebruikt om het beleid te ondersteunen waaronder Trump’s politieke agenda en prioriteiten, zoals “America First”, Project 2025, anti-immigratie en deregulering.
Palantir’s technologie versterkt de uitvoering van dit beleid door efficiënte data-analyse mogelijk te maken. Palantir’s vermogen om grote hoeveelheden data te integreren maakt de logistiek van dergelijke operaties haalbaar. Zonder geavanceerde data-analyse zou het moeilijk zijn om miljoenen individuen te identificeren en te lokaliseren, zoals Trump beoogt. In die zin is Palantir een cruciaal gereedschap van Trump.
De nauwe banden tussen Palantir, Thiel en Trump’s kring suggereren dat het bedrijf mogelijk invloed uitoefent op de prioritering van technologiegedreven oplossingen. Bovendien kan de afhankelijkheid van Palantir’s software veiligheidsdiensten in een bepaalde richting sturen, omdat de technologie bepaalde typen analyses (zoals voorspellend politiewerk) bevordert. Dit roept ethische vragen op over privacy en discriminatie, zoals gezien in Nederland, waar Palantir’s gebruik door de politie en NCTV leidde tot zorgen over “voorspellende politiezorg” en gebrek aan democratische controle.
AI wordt in toenemende mate gebruikt, zelfs met het risico dat “hallucinaties” bij andere gebruikers terechtkomen, vanwege hun potentieel om efficiëntie en besluitvorming te verbeteren. Gebruikers eisen desondanks dat de risico’s worden geminimaliseerd door validatie, menselijke supervisie en transparantie. Het risico van hallucinaties blijft bestaan, en de focus ligt op het beheersen ervan, niet op het volledig uitsluiten – wat in de huidige stand van AI-technologie nog niet haalbaar is.
Privacy- en Ethische Zorgen
Het gebruik van Palantir door veiligheidsdiensten onder Trump heeft wereldwijd kritiek gekregen. In de VS is Palantir beschuldigd van het bijdragen aan een surveillancestaat, met name door zijn werk voor ICE en de NSA. In Europa, waaronder Nederland, zijn privacyexperts zoals Wesley Feijth en David Boerstra bezorgd over Palantir’s “stille opmars” in overheidsdiensten. Tijdens de coronacrisis sloot de Nederlandse overheid contracten met Palantir voor data-analyse, vaak zonder publieke discussie, wat leidde tot Kamervragen van Forum voor Democratie over privacy en transparantie.
De software van Palantir maakt het mogelijk om gedetailleerde profielen van burgers te creëren zonder hun medeweten, wat in strijd kan zijn met privacywetten zoals de AVG in Europa. In Duitsland verklaarde het Constitutionele Hof in 2023 het gebruik van Palantir’s software voor voorspellend politiewerk ongrondwettig vanwege risico’s op discriminatie en gebrek aan transparantie. Deze zorgen zijn relevant voor Trump’s beleid, omdat zijn focus op massadeportaties en grensbewaking waarschijnlijk afhankelijk is van soortgelijke surveillancepraktijken.
Palantir speelt een cruciale rol in de uitvoering van Trump’s beleid, met name op het gebied van nationale veiligheid en immigratie. Het Gotham-platform stelt veiligheidsdiensten in staat om complexe data-analyses uit te voeren, wat essentieel is voor operaties zoals massadeportaties en contraterrorisme. De nauwe banden met Peter Thiel en de afhankelijkheid van Palantir’s technologie kunnen een indirecte invloed hebben op hoe beleid wordt uitgevoerd.
De ethische en privacyzorgen rond Palantir’s gebruik, zowel in de VS als in Nederland, blijven significant. De software biedt ongekende mogelijkheden voor veiligheidsdiensten, maar de risico’s op misbruik, discriminatie en een surveillancestaat zijn reëel.
Er zijn verschillende aanwijzingen dat Palantir Technologies gegevens over Europese burgers heeft verwerkt van een groot aantal Europese overheden en toezichthouders. Palantir heeft bijvoorbeeld samengewerkt met zes veiligheidsregio’s in Nederland om grote hoeveelheden persoonsgegevens te verwerken als onderdeel van het programma om de ontwikkeling van de Coronavirus-pandemie te monitoren. Daarnaast gebruikt Europol sinds 2016 de Gotham-software van Palantir om gegevens over terrorismebestrijding te analyseren. Het is belangrijk om te vermelden dat Palantir als Amerikaans bedrijf verplicht is om persoonsgegevens te delen met Amerikaanse overheidsinstanties.
Achtergrond
Palantir Technologies Inc. is een Amerikaans beursgenoteerd bedrijf, opgericht in 2003 door Peter Thiel, Stephen Cohen, Joe Lonsdale en Alex Karp, met het hoofdkantoor in Denver, Colorado. Het bedrijf specialiseert zich in softwareplatforms voor big data-analyses en kunstmatige intelligentie (AI), met toepassingen in zowel de overheids- als de commerciële sector. Palantir’s platforms, zoals Gotham, Foundry, Apollo en het Artificial Intelligence Platform (AIP), worden wereldwijd gebruikt door overheden, inlichtingendiensten en bedrijven zoals Morgan Stanley, Airbus en Merck KGaA. Dit artikel bespreekt de recente ontwikkelingen, koersprestaties, strategische groei en uitdagingen van Palantir in 2025.
In 2025 heeft Palantir een indrukwekkende koersstijging doorgemaakt, met een recordhoogte van $158,80 per aandeel op 27 juli 2025, een stijging van ruim 140% sinds november 2024, mede gedreven door de herverkiezing van Trump en nieuwe overheidscontracten. De marktkapitalisatie bedraagt momenteel $374,75 miljard, met een koers/winst-verhouding (P/E) van 693,45, wat wijst op een hoge waardering. De omzetgroei in Q2 2024 bedroeg 27,2% jaar-op-jaar (YoY) tot $678,1 miljoen, en voor Q3 2024 werd een omzet van $720 miljoen verwacht, boven de eigen guidance. Voor Q4 2024 wordt een omzet van $781,24 miljoen (+28,42% YoY) en een winst per aandeel van $0,11 (+41,45% YoY) geprojecteerd.
De koerssprong werd mede aangedreven door een contract van $795 miljoen en een deal van $113 miljoen met het Amerikaanse ministerie van Defensie, waarbij Palantir werd benoemd tot primaire datapartner onder de Trump-regering. Daarnaast sloot het bedrijf een contract van $178,4 miljoen met L3Harris Technologies voor het TITAN-programma van het Amerikaanse leger, gericht op defensiemodernisering.
Palantir onderscheidt zich met zijn “ontologieraamwerk”, een AI-gestuurd systeem dat ongelijksoortige datasets integreert en geoptimaliseerde besluitvorming mogelijk maakt. Dit raamwerk maakt gebruik van een read-write feedback-loop, die bedrijven en overheden helpt om complexe data-analyse toegankelijk te maken voor werknemers op alle niveaus. Het Artificial Intelligence Platform (AIP) integreert grote taalmodellen (LLMs) in privénetwerken, met toepassingen variërend van militaire operaties tot commerciële infrastructuurplanning en netwerkanalyse. Een voorbeeld is de samenwerking met Nebraska Medicine, waar AIP het gebruik van de Discharge Lounge met 2000% verbeterde.
Palantir heeft zijn commerciële activiteiten fors uitgebreid, met een groei van 55% in de Amerikaanse commerciële omzet in Q2 2024. Klanten zoals BP en Ferrari maken gebruik van het Foundry-platform voor data-integratie en -analyse. Het bedrijf organiseert “bootcamps” om klanten hands-on te trainen in het gebruik van AIP, wat leidt tot hogere klantconversies. Deze focus op commerciële groei is cruciaal om de afhankelijkheid van overheidscontracten te verminderen, die momenteel 54,9% van de omzet uitmaken.
De opkomst van open-source AI-modellen, zoals DeepSeek, dwingt Amerikaanse AI-bedrijven tot snellere innovatie. Hoewel Palantir geen gebruik maakt van DeepSeek vanwege geopolitieke redenen, profiteert het indirect door zijn AIP-platform te verbeteren met toegankelijke, krachtige open-source modellen. Dit versterkt Palantir’s positie in de snel evoluerende AI-markt.
Partnerschappen en Overnames
Palantir’s ecosysteem groeit door strategische partnerschappen. Een voorbeeld is de samenwerking met Knightscope Inc., een ontwikkelaar van autonome beveiligingsrobots, voor een tweejarige overeenkomst. Daarnaast is Northslope, een belangrijke partner voor Foundry- en AIP-diensten, agressief aan het opschalen, met vacatures voor technische recruiters in de VS en het VK, wat wijst op een groeiende vraag naar Palantir’s technologie.
In 2016 nam Palantir het Amsterdamse datavisualisatiebedrijf Silk over, een stap die zijn capaciteiten in interactieve datavisualisaties versterkte. Hoewel het Silk-platform niet verder werd ontwikkeld, onderstreept deze overname Palantir’s focus op het uitbreiden van zijn technologische portfolio.
Bedrijven als AWS, Snowflake en ServiceNow ontwikkelen vergelijkbare data-analyse-tools, en de dalende kosten van AI-inferentie kunnen toetredingsdrempels verlagen, waardoor Palantir’s dominante positie wordt bedreigd.
Palantir Technologies heeft zich ondertussen gevestigd als een leidende speler in big data en AI, met indrukwekkende groei in zowel de overheids- als commerciële sector.
Palantir in Nederland
Peter Thiel is niet direct betrokken bij het World Economic Forum (WEF) als lid of actieve deelnemer, maar hij heeft in het verleden wel connecties gehad. In 2007 werd hij benoemd tot Young Global Leader door het WEF, een programma voor veelbelovende leiders onder de 40 jaar. Hij heeft echter sinds 2013 geen WEF-evenementen meer bezocht, zoals het jaarlijkse Davos-forum, en heeft publiekelijk kritiek geuit op het WEF. In 2021 zei hij bijvoorbeeld dat het WEF “geen plek is waar waarheid wordt gezocht” (“not a truth-seeking place”).
Thiel’s visie, die vaak libertair en nationalistisch is, botst met de globalistische agenda van het WEF, zoals hij die ziet. Hij heeft het WEF bekritiseerd als een platform dat een “homogeniserende, hersendode eenwereldstaat” bevordert, wat volgens hem indruist tegen individuele vrijheid en nationalisme. Zijn afwezigheid en uitspraken suggereren dat hij zich bewust distantieert van het WEF, ondanks zijn eerdere erkenning als Young Global Leader.
Zijn filantropische stichting die zich richt op technologische innovatie, vrijheid en wetenschappelijk onderzoek, met programma’s zoals de Thiel Fellowship en ondersteuning voor organisaties zoals de Human Rights Foundation en het Committee to Protect Journalists. Enkele belangrijke initiatieven van de Thiel Foundation zijn: Thiel Fellowship: Een programma dat jonge ondernemers (onder de 23 jaar) aanmoedigt om hun universitaire studies te onderbreken en in plaats daarvan hun eigen bedrijven of projecten te starten, met een beurs van $100.000 over twee jaar. Zijn Breakout Labs financiert vroege-fase wetenschappelijke startups die werken aan grensverleggende technologieën, zoals biotechnologie en materiaalwetenschap.
Ondersteuning van non-profits: De stichting steunt organisaties zoals de Human Rights Foundation, die zich inzet voor mensenrechten en democratie, en het Committee to Protect Journalists, dat persvrijheid verdedigt. De Thiel Foundation weerspiegelt Thiel’s libertaire en toekomstgerichte visie, met een nadruk op disruptieve innovatie en het uitdagen van conventionele systemen, zoals traditioneel onderwijs.
Zijn Venture capital Founders Fund die hij mede heeft opgericht en investeert in technologiebedrijven zoals SpaceX en Airbnb. Hij richtte deze in 2005 op samen met Ken Howery en Luke Nosek, voormalige PayPal-collega’s. Founders Fund investeert in technologiebedrijven, vaak in vroege stadia, met een focus op disruptieve innovaties. Bekende investeringen zijn onder meer:SpaceX (ruimtereizen), Airbnb (deeleconomie), Lyft (ride-sharing), Stripe (betalingsverwerking), DeepMind (kunstmatige intelligentie, later overgenomen door Google)
De firma staat bekend om haar gedurfde aanpak en voorkeur voor bedrijven die grote, wereld veranderende problemen aanpakken. Founders Fund beheert miljarden dollars en heeft een libertaire, toekomstgerichte filosofie die Thiel’s visie weerspiegelt.
Thiel heeft ook banden met kleinere, vaak libertaire of conservatieve organisaties, zoals de Mont Pelerin Society, waar hij heeft gesproken, en de Seasteading Institute, dat hij financieel steunde voor het concept van drijvende steden in internationale wateren. Hij lijkt echter bewust afstand te houden van grote, globalistische instellingen zoals het WEF, en zijn focus ligt meer op eigen ondernemingen en netwerken die zijn libertaire en technologische visie ondersteunen.
Palantir heeft recent zijn omzetprognoses voor heel 2025 verhoogd, vooral door een sterke toename in de vraag naar AI-diensten van commerciële partijen én overheden.
In het 2e kwartaal van 2025 haalde het bedrijf voor het eerst meer dan 1 miljard dollar omzet in één kwartaal, wat mede gedreven wordt door een stijging van de commerciële omzet en sterke groei binnen de overheden. Het Amerikaanse leger is bezig met een “enterprise agreement” met Palantir dat kan oplopen tot 10 miljard dollar over tien jaar. Die deal bundelt tientallen bestaande contracten, met als doel om inkoopprocessen te versnellen en software-/data-/AI-tools sneller beschikbaar te maken.
Verder zijn er contracten met belangrijke entiteiten zoals NAVO (Maven Smart System), en met agentschappen zoals ICE voor migratie/immigratietracking.
Nieuwe onthullingen over de banden tussen het Amerikaanse techbedrijf Palantir en Jeffrey Epstein roepen ernstige vragen op over de Nederlandse inlichtingendiensten. De Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) en de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD) gebruiken software van Palantir voor data-analyse, een systeem dat indirect is gefinancierd door de veroordeelde sekshandelaar Epstein. Deze koppeling, die al sinds 2011 loopt, werd persoonlijk ingezet door de huidige minister-president Dick Schoof, toenmalig hoofd van de Nationale Politie. Privacywaakhonden en Kamerleden eisen onmiddellijke transparantie en een herziening van de contracten.De rol van Palantir in Nederland: Van politie tot inlichtingendienstenPalantir Technologies, opgericht door de Amerikaanse miljardair Peter Thiel, levert geavanceerde AI-software voor big data-analyse aan overheden wereldwijd. In Nederland werd de technologie in 2011 geïntroduceerd via een geheim contract met de Nationale Politie, ondertekend door Dick Schoof als Directeur-Generaal. Dit contract, onderdeel van het ‘Raffinaderij’-platform voor opsporing en analyse, werd verlengd in 2015 en breidt zich uit naar de AIVD en MIVD voor het verwerken van gevoelige inlichtingen over terrorisme, spionage en nationale dreigingen. Demissionair minister van Justitie en Veiligheid David van Weel bevestigde deze week in antwoord op Kamervragen van de FvD en NSC dat de politie Palantir-software gebruikt, maar ontweek details over de inlichtingendiensten. De software, waaronder Gotham en Foundry, integreert bulkdata zoals metadata, reisgegevens en financiële transacties om patronen te detecteren. Critici waarschuwen dat dit leidt tot een ‘panopticon’ van surveillance, waarbij Nederlandse burgers onbedoeld worden meegezogen in een internationaal data-ecosysteem. “Palantir’s tools zijn ontworpen voor inlichtingen, maar zonder strikte scheiding van data-runs, riskeren we dat gevoelige AIVD-informatie doorsijpelt naar Amerikaanse servers,” aldus een voormalig AIVD-medewerker in een interview met de Volkskrant. Financiële en persoonlijke banden met ThielDe connectie met Jeffrey Epstein, die in 2019 zelfmoord pleegde terwijl hij wachtte op berechting wegens sekshandel met minderjarigen, loopt via Peter Thiel. In 2005 investeerde Epstein 40 miljoen dollar in een fonds van Thiel’s Valar Ventures, een investering die groeide tot 170 miljoen dollar en nu het grootste activa van Epstein’s nalatenschap vormt. Peter Thiel, mede-oprichter van Palantir en een prominente financier van de Republikeinse Partij, ontmoette Epstein meerdere keren tussen 2014 en 2018, waaronder een geplande lunch in november 2017 en informele emails over reizen en investeringen. Deze banden zijn geen bijzaak: Epstein gebruikte zijn netwerk om te investeren in surveillance-tech, zoals Carbyne (voorheen Reporty), een bedrijf met Mossad-connecties waarin hij en Thiel indirect betrokken waren. Recente documenten uit de House Oversight Committee, vrijgegeven in september 2025, tonen Epstein’s agenda met Thiel als ‘business opportunity’ in de inlichtingenwereld. Thiel distantieert zich, maar de investering blijft een directe financieringslink tussen Epstein’s criminele netwerk en Palantir’s groei tot een miljardenconcern met contracten bij de CIA, NSA en IDF.
De Nederlandse adoptie van Palantir begon onder Schoof’s leiding in 2011, tijdens het eerste kabinet-Rutte. Documenten, verkregen via de Wet open overheid (Woo), tonen dat 99 procent van de contractdetails zwart is gemaakt, wat vragen oproept over transparantie en aanbestedingsregels.
Nu Schoof premier is van een rechts kabinet met focus op immigratie en veiligheid, wordt zijn rol herbeoordeeld. “Dit is een tikkende tijdbom voor ons inlichtingenapparaat,” zegt Sophie in ’t Veld, Europarlementariër voor D66 en privacy-expert. “We importeren niet alleen tech, maar ook de ethische bagage van Epstein en Thiel.”
Terwijl de AIVD worstelt met lekken, zoals de zaak-Abderrahim El M. (2023), waarin een analist documenten doorspeelde naar Marokko, centraliseert Palantir juist meer data. Voormalige inlichtingenmedewerkers uiten zorgen over Amerikaanse toegang via FISA-wetgeving, vooral onder een Trump-regering die Palantir miljardencontracten gunt.
Oproep tot actie: Transparantie en accountabilityPrivacyorganisaties als Bits of Freedom en SOMI eisen een parlementair onderzoek. “De AIVD moet openbaren hoe Palantir-data wordt beveiligd tegen externe inmenging,” stelt een SOMI-woordvoerder. De Europese AI Act, die in 2025 van kracht wordt, biedt mogelijk hefboom voor strengere regels, maar Nederland loopt achter.
Voor vragen, sponsoring, adverteren, reacties, tips of klachten kunt u mailen naar Rvschaik@bvs.nl
