Sanquin bloedbank

Sanquin

Sanquin is in Nederland wettelijk verantwoordelijk voor de inzameling van bloed van donoren en het bewerken ervan. Sanquin Bloedvoorziening is een not-for-profit organisatie en bestaat uit verschillende divisies, waaronder de divisie bloedbank en beschikt over productielocaties voor plasmageneesmiddelen in Amsterdam en in Brussel.

SPP moet aan het moederbedrijf de marktconforme prijs voor het bloedplasma betalen nadat hierover vragen waren gesteld. SPP kan de concurrentie met veel grotere farmabedrijven niet aan en ook organisatorisch krijgt de divisie de zaken niet voor elkaar. Geproduceerde medicijnen worden regelmatig afgekeurd vanwege onzuiverheden in het product. 

380.000 bloeddonoren zorgen gratis en voor niets de aanvoer waarmee het bedrijf Internationaal jaarlijks zo’n 400 miljoen euro omzet draait. Toch komt Sanquin’s voortbestaan in gevaar door slechte bedrijfsvoering.

Donoren, zorgverzekeraars en ziekenhuizen betalen via het bloed de prijs voor de exorbitante vergoedingen, bonussen en vertrekpremies. De commerciële koers ligt gevoelig bij de donoren, die gratis bloed geven en zij hebben de afgelopen jaren steeds vaker kritiek op de hoge beloningen en bonussen van de bestuurders. Een gewezen bestuursvoorzitter kreeg een half miljoen doorbetaald nadat hij in 2012 vertrok. Drie andere ontslagen managers kregen in 2013 in totaal ruim 1,2 miljoen euro aan ontslagvergoeding mee. Uit het jaarverslag over 2013 blijkt Raad van Bestuur-voorzitter in 2013 in totaal 237.615 euro verdiende en de vice-voorzitter 285.217 euro. Sanquin heeft een manager die in augustus 2015 moest vertrekken na een reorganisatie ruim 363 duizend euro meegegeven. Een andere manager, die in januari opstapte, kreeg meer dan 193 duizend euro mee. Een ex-topman kreeg een vertrekregeling van zo’n 600 duizend euro. Sanquin stelt dat met de bestuurders al afspraken zijn gemaakt over salarissen vóórdat de wet normering inkomens werd ingevoerd.  Op 1 augustus 1986 startte Jeroen de Wit als directeur bij de Bloedbank Friesland. Vanaf 1996 werd hij Directeur van de Bloedbank Noord Nederland, om vanaf 1998 lid te worden van de Raad van Bestuur van Sanquin Bloedvoorziening. Vanaf 2001 was hij ook de vicevoorzitter. Jeroen de Wit besloot plotseling om terug te treden als vicevoorzitter van de Raad van Bestuur.

De Raad van Bestuur heeft 24 april 2015 onder druk van de overheid besloten de divisie Plasmaproducten af te splitsen en onder te brengen in een aparte BV onder de Stichting Sanquin Bloedvoorziening. De divisie Plasmaproducten werd afgesplitst in ‘Sanquin Plasma Products bv’ (SPP) waarvan Stichting Sanquin Bloedvoorziening 100% van de aandelen bezit. SPP maakt geneesmiddelen van het bloedplasma en verkoopt deze internationaal. SPP produceert en levert de bloedproducten aan bedrijven als Baxter en Shire voor het bewerken van plasma (bloed-eiwitten) voor de Amerikaanse markt. De grootste klant Shire vertrekt binnenkort, waardoor de cijfers niet bepaald rooskleuriger worden.

Nederlandse ziekenhuizen betalen ongeveer 214 euro voor een zakje bloed, terwijl dit in België en Duitsland 80 euro kost. Dat scheelt voor een ziekenhuis op jaarbasis toch al snel 1 miljoen euro per jaar. De bloedzakjes kosten ongeveer 30 procent hoger dan elders in Europa. De afzet is de afgelopen drie jaar dan ook met ongeveer vijftien procent gedaald. Het bedrijfsresultaat over 2014 liet een verlies zien van 23 miljoen euro. De externe opbrengsten bij Research zijn gestegen doordat meer subsidies van derden zijn verworven.

De Stichting Sanquin Bloedvoorziening is de enige leverancier van bloed aan Nederlandse ziekenhuizen en wil al jaren de Amerikaanse markt veroveren. Inspecteurs van de FDA constateerden tekortkomingen en het bedrijf werd zelfs berispt. Bij Sanquin werken 2.880 mensen. Dirk Jan van den berg werd de nieuwe topman en moest orde op zaken stellen. Sanquin heeft vervolgens nieuwbouw en investeringen vooruitgeschoven en mensen aangesteld om te helpen met het voldoen aan de FDA-regels. De operatie om de Amerikaanse toezichthouder FDA tevreden te stellen kostte echter miljoenen euro’s. Sanquin moest reorganisaties en bezuinigingsrondes doorvoeren, waarbij 120 banen werden geschrapt.

Sanquin wilde een gezamenlijk laboratorium voor zes ziekenhuizen op het terrein van het Slotervaartziekenhuis realiseren en de hoofdvestiging zou in Amsterdam komen, maar betrokken partijen konden geen overeenstemming bereiken over de zeggenschap in het lab.

Elk jaar opnieuw verschijnen alarmerende berichten over het gevaarlijke Hepaptitus. Op www.hepatitis.nl wordt uitgebreid informatie gegeven en er staat een video op https://youtu.be/cU080Hh_DZM

Lever-experts van een aantal grote ziekenhuizen en de Nederlandse Leverpatiënten Vereniging (NLV) hebben tijdens de Nationale Hepatitis Dag in de Utrechtse Jaarbeurs opnieuw aandacht gevraagd voor de aandoening omdat het aantal mensen dat onnodig overlijdt aan de leverziekten chronische hepatitis B en C toeneemt. Als we nu niets doen, zijn er over tien jaar zo’n 5000 onnodige doden’, zegt Jan Hendrik Richardus, epidemioloog en hoogleraar Infectieziekten en Publieke Gezondheid aan het Erasmus MC. Veel mensen merken niet eens dat ze de ziekte onder de leden hebben. Daarom moeten mensen uit de risicogroepen zich laten onderzoeken. Beide ziekten kunnen goed worden aangepakt; de behandeling voor hepatitis C garandeert bijna 100% genezing, de behandeling tegen hepatitis B garandeert voor bijna 100% onderdrukking.

Tot de risicogroepen behoren mensen die voor 1991 bloed of bloedproducten hebben gehad (bijvoorbeeld een bloedtransfusie), mensen met een partner met hepatitis B – dit i.v.m. seksuele overdraagbaarheid – en zwangeren met hepatitis B i.v.m. de overdracht op het kind, mensen die ooit drugs hebben gebruikt (ook eenmalig), mensen met afwijkende leverwaarden in hun bloed zonder duidelijke oorzaak en migranten uit alle landen, behalve Noordwest- Europa, Noord-Amerika, Australië en Nieuw-Zeeland.

Sanquin liet opnieuw weten dat Hepatitus E in bloedmonsters wordt aangetroffen bij ruim een kwart van de bloeddonoren. Een ruime meerderheid in de Tweede Kamer reageerde meteen en wilde dat de minister van Volksgezondheid onderzoek liet doen naar het oprukkende virus, waarvan de oorzaak vermoedelijk ligt in de consumptie van varkensvlees of besmetting via mest of door oppervlaktewater dat op gewassen terecht komt. Bijna de helft van de varkens in Nederland is besmet met hepatitis E. In 2014 waren er 205 besmettingen bij mensen. Het varkenstype Hepatitus E is bij gezonde mensen echter niet gevaarlijk. Meestal overwint het immuunsysteem de infectie, waarna antistoffen achterblijven. Sanquin stelt dat het Nederlandse bloed duurder is vanwege de kosten voor onderzoek, ontwikkeling, uitgebreide testen voor deze besmettingen. Eind oktober was er bij een basisschool in Amsterdam een uitbraak van hepatitis A. Een leerling zou de ziekte op vakantie hebben opgelopen en vier andere leerlingen hebben besmet. Ongeveer 450 leerlingen en medewerkers werden preventief gevaccineerd. Het virus bevindt zich in de ontlasting en kan zich door slechte hygiëne verspreiden. De ziekte is voor kinderen niet ernstig, maar voor volwassenen wel.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *