ABP

Pensioenfonds ABP verhoogde de premie in 2017 met 2,3%. Bovendien werden de pensioenen in 2017 niet verhoogd. De hogere premie werd door het Rijk betaald. Het kabinet maakte 330 miljoen euro vrij om de ambtenaren te compenseren. Voor een ambtenaar met een maandinkomen van 3500 euro bruto betekende de verhoging dat deze in 2017 132 euro netto meer moest betalen.

ABP staat er slecht voor en zal ook voorlopig niet uit de problemen zijn. Uit de nieuwste dekkingsgraadcijfers blijkt dat ABP kampt met een tekort van ruim 40 miljard euro.  Het ABP heeft 379 miljard euro in kas, maar daar staat 421 miljard euro aan verplichtingen tegenover. De beleidsdekkingsgraad, het gemiddeld van de laatste twaalf maanden, staat op 92,9%. Het ABP heeft circa 1,1 miljoen premiebetalers, 913 duizend slapers (mensen die ooit pensioen opbouwden bij het ABP en die nog pensioen tegoed hebben) en 780 duizend gepensioneerden. (5 miljard aan pensioenen per jaar). Omdat alleen het korten van de pensioenen de tekorten niet kan dekken wordt nu onderzocht hoe het ABP ontmanteld en in stukken opgeknipt kan worden. Ook worden de pensioenpremies voor de komende jaren verhoogd.

Per 1 april moest het ABP al een herstelpremie van 1 % invoeren (van 17,8 naar 18,8 procent). Toch is er volgens eigen cijfers de laatste 20 jaar gemiddeld 7 % rendement op het vermogen gemaakt; het vermogen van het ABP is van 2007 tot 2015 gegroeid van 216 miljard naar 379 miljard euro.

Het ABP dat eerder voor investeringsmaatschappij INKEF CAPITAL 200 miljoen vrijmaakte verhoogt de investering met 300 miljoen euro. INKEF is een investeringsfonds voor jonge technologiebedrijven. Tevens werd voor € 700 miljoen aan infrastructuur- en duurzame energieprojecten van investeerder DIF aangekocht. Het betreft een sinds 2008 samengesteld pakket aan investeringen in ziekenhuizen, scholen, bruggen, wegen, kantoren en duurzame energieprojecten. APG, de pensioengeldbeheerder die namens ABP de aankoop doet bood op het gehele project. In totaal worden 48 projecten overgenomen, waaronder het in aanbouw zijnde 160 meter hoge gerechtsgebouw in Parijs, een participatie in de M25 snelweg rond Londen, ziekenhuizen, het DUO-hoofdkantoor in Groningen, de Montaigne school in Den Haag en de toegangsweg tot de haven van Rotterdam (A15 tussen de Maasvlakte en Vaanplein). De portefeuille bevat ook 18 projecten voor zonne- en windenergie in Frankrijk en Duitsland voor € 125 miljoen euro..

De overheid “leent” stelselmatig geld van het ABP wanneer de overheidsfinanciën tekortschieten. En dat is tot nog toe elk jaar wel het geval, met als gevolg dat meer dan de helft van de Nederlandse Staatsschuld is betaald uit de “gespaarde” pensioenpot. Begin jaren negentig werd daar door het volk nog wel eens een probleem van gemaakt bijvoorbeeld toen er een tekort bleek van dertig miljard gulden en uitkwam dat driekwart van de afgedragen premie rechtstreeks naar de Staatskas ging.

Het ABP werd daarom formeel op afstand van de overheid geplaatst en in 1996 geprivatiseerd. De organisatie werd omgezet in een “zelfstandige” stichting. Geschrokken van de publiciteit rondom de verduistering door de staat leende (“belegde”) de stichting vanaf 1996 nog maar zo’n veertig procent van het vermogen aan de Staat (obligaties). Om toch zoveel mogelijk rente en bonussen te krijgen op het geïnvesteerde vermogen wordt sindsdien vergeefs risicovol belegd in hedgefondsen CoCo’s en private equity.

Om de tekorten bij het fonds op te vangen werd er gewerkt aan “oplossingen” zoals het opheffen van de VUT en de FPU-regeling. Toen dit niet genoeg bleek werd de pensioenleeftijd opgetrokken en werden er verplichte verzekeringen opgelegd.

Toen de andere verzekeringsmaatschappijen dit niet pikten heeft het ABP de constructie opgesplitst. De uitvoering van de pensioenregeling werd per 1 maart 2008 ondergebracht in een zelfstandige uitvoeringsorganisatie de Algemene Pensioen Groep N.V. Die organisatie bestaat weer uit drie dochterorganisaties: APG, Loyalis en Inadmin. Dick Sluimers stopt 1 januari 2016 als bestuursvoorzitter van APG Group, Sluimers was voorzitter sinds 2008 en al vijfentwintig jaar werkzaam bij ABP en APG, onder andere als chief financial officer en voorzitter van het ABP-bestuur.

Het ABP zette vervolgens samen met het Pensioenfonds Zorg en Welzijn  AlpInvest op, een eigen investeringsfirma die zich onder andere bezig hield met risicovolle beleggen met private equity. Natuurlijk werden vanwege dit gevaarlijke werk enorme bonussen uitgekeerd aan de bestuurders. AlpInvest werd na enig rumoer vervolgens in 2011 verkocht aan de Carlyle Group, waarna het ABP ging deelnemen in Vastgoedfonds Vesteda en tientallen hedgefondsen.

In de ‘Visie 2020′ die door het ABP werd gepresenteerd wordt de beleggingsportefeuille tot 2020 aangepast naar verantwoord beleggen. 58 miljard van het totaal belegd vermogen gaat voortaan naar beleggingen die bijdragen aan een betere en schonere toekomst. De drie thema’s zijn daarbij veiligheid, onderwijs en economische structuurversterkingen, waaronder een verbetering van de communicatie-infrastructuur en een verduurzaming van de energiesector vallen.

Het doel is om in 2020 350 miljoen extra te hebben geïnvesteerd in schoolgebouwen en 150 miljoen euro extra in onderwijs gerelateerde infrastructuur. Beleggingen in communicatie-infrastructuur gaan met 500 miljoen euro omhoog en de belangen in hernieuwbare energie met 5 miljard euro. ABP en PFZW zijn de grootste pensioenfondsen van Nederland; het ondernemingspensioenfonds PFUWV behoort tot de kleinere fondsen. De sociale partners in de overheidssectoren stellen de pensioenregeling vast, die vervolgens ter uitvoering wordt aangeboden aan het ABP. Bij PFZW stelt het pensioenfondsbestuur de pensioenregeling vast.

Iedereen die voor de Overheid werkt betaalt sinds 1922 vanwege een speciaal hiervoor bedachte Pensioenwet pensioenpremie aan het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP). Dat geld wordt uitgeleend aan de Overheid, die daar leuke dingen mee doet. Een deel wordt geïnvesteerd in onroerend goed en aandelen om een reserve te hebben voor het geval er een ambtenaar daadwerkelijk pensioen uitgekeerd moet krijgen. De bij het ABP aangesloten werkgevers dragen jaarlijks ruim 7 miljard euro aan pensioenpremie af.

Het ABP kwam in 1986 voor het eerst in het nieuws nadat het Rijk te veel subsidie had betaald voor woningbouwprojecten van het pensioenfonds, hetgeen leidde tot een Parlementaire enquête naar bouwsubsidies.

Woningverhuurder Vesteda is met bijna 3,6 miljard c.q 23.000 woningen de grootste commerciële woningbezitter van vooral duurdere appartementen in Nederland. Hiervoor werd in juni bij ABN Amro, Rabobank and BNP Paribas een nieuwe lening afgesloten van 600 miljoen euro bovenop de nog lopende 135 miljoen. Vesteda heeft hiervoor een interne ruim 20 miljoen euro per jaar kostende managementorganisatie die “goed zorgt” voor de bestuurders. Vorig jaar werd in totaal 742.000 euro betaald aan ex-bestuurder Luurt van der Ploeg voor drie maanden werk. Van der Ploeg was registeraccountant en werkte sinds 2010 als financieel bestuurder bij Vesteda. Vanaf juni 2013 was hij zeven maanden interim topman waarna hij in maart 2014 onder bedenkelijke omstandigheden plotseling opstapte. Van der Ploeg begon met zijn gemaakte fortuin een eigen vastgoedadviesbureau.

Eind 2000 daalde het rendement van het ABP ook al naar een gemiddelde van -1,6 procent en de dekkingsgraad zakte onder de honderd procent.

Sindsdien eisten politieke partijen meer zekerheid en moest er voortaan minstens 105 procent dekking zijn met beleggingen in veilige obligaties. Voor beleggingen met meer risico eist De Nederlandsche Bank een hogere buffer van 125 procent.

In 2005 steeg deze dekkingsgraad naar 119 procent. De pensioenen waren toen al vijf jaar vrijwel niet geïndexeerd en ook de premies stegen omdat indexatie van bestaande pensioenen en premieverlaging pas is toegestaan bij een dekkingsgraad van 125 procent. En pas boven een dekkingsgraad van 140 procent mag het ABP de pensioenen weer volledig aanpassen aan de loonontwikkeling.

In de tweede helft van 2007 werd de toestand opnieuw kritiek toen het ABP 25% op zijn belegde vermogen moest afschrijven.

Van begin 2008 tot en met september 2008 verloor het ABP 22 miljard euro van het pensioengeld en zakte de dekkingsgraad met bijna 60% naar een dieptepunt van 83% in februari 2009. Het ABP had te riskant belegd, onder andere via investeringsmaatschappij Alpinvest.

Eind maart moest het ABP daarom stoppen met indexatie van de pensioenen en de premies verhogen met 3 %, wat zoveel betekende dat van het inkomen van de werknemers vanaf dat moment 23% aan het ABP moest worden afgedragen.

In 2010 toen Griekenland haar schulden niet meer kon financieren bleek dat het ABP op dat moment 2,3 miljard euro Griekse staatsschulden bezat die niets meer waard bleken. Het zat ABP niet mee want in hetzelfde jaar was de olieramp in de Golf van Mexico voor. BP was verantwoordelijk voor deze ramp en laat ABP nu juist daarin 570 miljoen euro geïnvesteerd hebben.

De investeringen in Griekenland en BP en de daling van de waarde van de euro, maakten dat de dekkingsgraad van het ABP in mei 2010 daalde naar 96 procent. Dat betekende dat de pensioenen weer niet werden geïndexeerd.

In 2011 zakte de Nederlandse tienjaarsrente verder weg en viel de rekenrente terug naar 2,38%, waardoor de pensioenen weer niet werden geïndexeerd.

ABP wist in 2013 van Goldman Sachs, Credit Suisse en Morgan Stanley via schikkingen nog wel een geheim gehouden bedrag  teruggehaald voor beleggingen in hypotheken die via Alpinvest waren aangekocht op basis van valse en misleidende informatie. De leiding van AlpInvest ontving wel eerst nog een bonus van 112 miljoen euro voor de aankoop van deze achteraf slechte producten.

Het bedrag was niet genoeg om de dekkingsgraad weer op peil te krijgen dus bedachten ze wat anders. In januari 2010 kwam het ABP met het bericht dat na onderzoek was gebleken dat de levensverwachting van ambtenaren de afgelopen drie jaar zoveel was gestegen dat het ABP haar vermogen met 11 miljard moest verlagen.

De pensioenuitkeringen die het fonds in de toekomst moet verrichten zouden door deze stijgende levensverwachting toenemen, wat een drukkend effect heeft op de dekkingsgraad. Dankzij dit geniale plan kon het ABP de premie toch verhogen en kon het fonds eveneens afzien van indexering van de bestaande pensioenen.

Natuurlijk werden wel steeds politiek relevante figuren op de bestuurdersplekken gezet. Elco Brinkman is lange tijd bestuursvoorzitter geweest en daarna werd hij tijdelijk opgevolgd door Harry Borghouts, toen een “besproken” Commissaris van de Koningin in Noord-Holland. Als gevolg van de affaire Icesave/Landsbanki binnen de provincie Noord-Holland (die de provincie 78 miljoen euro kostte) besloot Borghouts op aandrang van de leden opstapte om daarna opgevolgd te worden door Ed Nijpels, de voormalige VVD-fractieleider, minister, burgemeester en Commissaris van de Koningin van Friesland.

De vicevoorzitter van het ABP, Xander den Uyl (zoon van wijlen Joop den Uyl en naast vicevoorzitter van het ABP tevens bestuurssecretaris van de ABVAKABO FNV), verdedigde Nijpels en beklemtoonde nog maar eens dat er vooral iemand uit politiek Den Haag de functie moest bekleden. Nijpels had op het moment weliswaar al 25 andere functies, maar dat mocht de pret niet drukken. Medio februari 2010 werd voor Nijpels de grond te heet onder zijn voeten vanwege de perikelen rond DSB.

ABP heeft op papier een beschikbaar vermogen van 356 miljard euro, maar de vereiste beleidsdekkingsgraad is ver onder het wettelijk minimum gedaald. Er werd de afgelopen tien jaar ruim 15 miljard uitgegeven om de vut af te wikkelen.

Er werd door ABP 124 miljoen euro belegd in Petrobas en door PGGM zo’n 61,5 miljoen euro. 43% van de waarde hiervan ging in rook op. De marktwaarde van Petrobras is gehalveerd door een wereldwijd corruptieschandaal.

Op 30 november 2015 was de beleidsdekkingsgraad 99,0% en deze staat nu op circa 90%. Een stuk lager dan de vereiste 128%. Korten op de pensioenen is onvermijdelijk. Om grote schokken in de pensioenen te voorkomen mag deze verlaging over maximaal 10 jaar gespreid worden. Omdat alleen het korten van de pensioenen de tekorten niet kan dekken wordt nu onderzocht hoe het ABP ontmanteld en in stukken opgeknipt kan worden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *